Levenslied bij Delfshavenradio

Wat is Levenslied?

Ontdek de diepte van muziek

'Een levenslied is een lied dat de dingen uit met name de schaduwzijde van het leven bezingt. Het heeft meestal een moraal en geeft een sentimenteel of melodramatisch gevoel. Het kent de standaard opbouw van een refrein en coupletten. Een smartlap is niet hetzelfde, maar is een afgeleide van het levenslied. Het verhaal in een smartlap wordt van begin tot het einde verteld en loopt altijd slecht af.[1] Kenmerkend voor een smartlap is de zogenaamde snik in de stem. De snik wordt beschreven als een noot die uit het diepst van het gevoel naar boven komt.

Het woord levenslied werd in 1908 bedacht door ofwel Jean-Louis Pisuisse, of Max Blokzijl. Tijdens een tournee door Nederlands-Indië zochten deze twee artiesten een Nederlands alternatief voor het Franse woord chanson waarmee ze tot dan toe hun repertoire aanduidden. Het werd levenslied: een lied waarin het echte leven vervat zit. Het woord werd al snel overgenomen door zangers van veel sentimenteler repertoire dan dat van Pisuisse en Blokzijl. Zangers van het 'betere lied' namen daarom afstand van het woord en levenslied kreeg de betekenis die het thans nog heeft.

Geschiedenis
J.H. Speenhoff, Willy Derby en Louis Davids waren voor de Tweede Wereldoorlog pioniers van het levenslied. Na de oorlog piekte de Vlaamse entertainer Bobbejaan Schoepen als eerste met een aantal levensliederen over de Europese grenzen heen, hoewel diens enorme repertoire overwegend andere genres omvat.

In Nederland werd het genre vanaf de jaren 50 tot de jaren 80 vooral gedomineerd door de producers Johnny Hoes en Pierre Kartner, die voor artiesten als de Zangeres Zonder Naam, Jantje Koopmans, Eddy Wally en Corry en de Rekels succesvolle platen produceerden. Via Op Losse Groeven en Op Volle Toeren, televisieprogramma's die Chiel Montagne vanaf de jaren zeventig voor de TROS presenteerde, bleef een breed publiek op de hoogte van nieuwe hits en artiesten. Veel zangers en zangeressen van het levenslied waren van eenvoudige komaf, en vooral de Amsterdamse arbeidersbuurt de Jordaan was beroemd om de vele levensliedmuzikanten die ervandaan kwamen en erover zongen.

In de jaren 80 nam de belangstelling van de grote media voor het levenslied af, hoewel André Hazes met negen toptienhits een nieuwe ster werd. Ook Koos Alberts scoorde incidentele hits, maar verder braken nauwelijks nieuwe artiesten tot het grote publiek door. Het waren voornamelijk de illegale piratenzenders en kleine, in het levenslied gespecialiseerde platenmaatschappijen, zoals Telstar (Nederlands muzieklabel) en CNR Records, die vanaf deze tijd de belangrijkste ondersteuners van het levenslied waren. Het succes dat Frans Bauer vanaf de jaren negentig beleeft, kwam via dit circuit tot stand. In dezelfde periode bleek ook uit de opkomst van smartlappenkoren en smartlappenfestivals dat het levenslied nog steeds op belangstelling van een groot publiek mag rekenen. Willeke Alberti bleef een constante factor binnen het genre met onder andere klassiekers als Telkens Weer, Samen Zijn en Ome Jan.

Sinds de tweede helft van de jaren 90 was het genre in zowel Nederland als Vlaanderen, mede door het succes van artiesten als Frans Bauer, Guido Belcanto, Corry Konings, Marianne Weber en Jan Smit, weer aan een revival bezig. Er is sindsdien weer een nieuwe generatie artiesten opgestaan, waaronder Charlène, Jannes, John de Bever, Thomas Berge, en de Vlaamse zangeres Laura Lynn, die met hun eigentijdse versie van het levenslied voor de hernieuwde populariteit van het genre hebben gezorgd.

De artiesten 1

Hier vindt u een overzicht van de artiesten die belangrijk zijn geweest of nog steeds zijn binnen het muziekgenre levenslied

Koos Speenhoff

Jacobus Hendrikus (Koos) Speenhoff (Kralingen, 23 oktober 1869 – Den Haag, 3 maart 1945) was een Nederlands dichter-zanger, illustrator en kunstschilder. Voor de Nederlandse kleinkunst heeft hij een pioniersrol vervuld. In 1968 was Speenhoff een van de vier bekende namen uit de begintijd van het cabaret die de revue passeerden in het vierluik Namen die je nooit vergeet dat gepresenteerd werd door Wim Ibo.

Zijn bekendste liedjes zijn Het broekie van Jantje, Brief van een moeder aan haar zoon die in de nor zit en De schutterij (Daar komen de schutters).

Hij afficheerde zichzelf als 'dichter-zanger', wat voor cabaretkenner Jacques Klöters aanleiding was om hem aan te duiden als 'de eerste singer-songwriter van Nederland'.

In tegenstelling tot wat velen denken heeft Speenhoff zichzelf nooit Koos Speenhoff laten noemen. Deze voornaam is hem in de volksmond toegedicht.

Jeugd

Speenhoff werd in Kralingen geboren als zoon van de ongehuwde Magdalena de Jager. Zijn moeder, katholiek en van eenvoudige komaf, trouwde bijna drie jaar na zijn geboorte op 12 juli 1872 met de Rotterdamse protestantse zakenman Jacob Speenhoff. Haar beide kinderen verkregen bij dit huwelijk de naam Speenhoff. Zijn vader begon een bedrijf, dat isolatiemateriaal produceerde voor stoommachines, in Krimpen aan de Lek. In deze plaats groeide Speenhoff op, bezocht er de lagere school en vervolgens de HBS in Rotterdam.

Vroege carrière
Na een korte periode bij de marine - die hij vanwege een ongeval verliet - trad Speenhoff bij zijn vader in dienst als vertegenwoordiger. Hoewel hij in die hoedanigheid half Europa door mocht reizen, verveelde het vak hem al snel. Omstreeks 1895 verruilde hij Krimpen aan de Lek voor het mondainere Rotterdam om daar het leven van bohemien te leiden. Uiteindelijk probeerde hij van zijn hobby, het schrijven van versjes en liedjes, zijn beroep te maken. Zijn grote doorbraak kwam in 1902 toen hij in de Tivoli Schouwburg te Rotterdam bij een matineevoorstelling van ’t Vrije Tooneel werd geplaatst om het programma te vullen.

Doorbraak
Rond 1903 was Speenhoff, dankzij de ongewone openhartigheid waarmee hij het volkse leven beschrijft en de even ongewone deftigheid waarmee hij zijn liedjes ten gehore brengt, een succesvol variété-artiest, die daarnaast ook bekendheid verwierf met het maken van illustraties - bijvoorbeeld bij zijn eigen verzenbundels. Zijn lijfspreuk luidde 't Is anders. Het motto is een treffende illustratie van de verwarring die in de loop van zijn leven rond de deftige volkszanger zal blijven bestaan.

Op 24 augustus 1905 trouwde Speenhoff met de Luxemburgse Cesarina Prinz. De twee treden gezamenlijk op als de heer en mevrouw J.H. Speenhoff-Prinz. Zij kregen drie kinderen: Coos (Jacob Mathias, 1904-1966) en Ceesje (Cesarina Christina Felicia, 1909-2004) die beiden ook cabaretier werden en Masje (Magdalena Anna Maria, 1908-1994) die enkele jaren als zangeres optrad onder de naam Natascha Strachoff. Ze zong enkele liederen in de eerste experimentele rechtstreekse televisie-uitzending in Nederland door Philips in Eindhoven.


Kritiek
Hoewel het werk van Speenhoff in brede kring wordt gewaardeerd zijn er ook andere geluiden. Met name in conservatief-katholieke kring wordt schande gesproken van het 'zedeloze' en 'ontaarde' karakter van Speenhoffs liedkunst. Men valt met name over het gebruik van woorden als sloerie, billen en de uitdrukking stijf-vloeken. Het levert diverse schandalen op die Speenhoff tot held van het vooruitstrevende volksdeel maken.

Op 13 februari 1915 gaf heel kunstminnend Nederland acte de présence bij Speenhoffs koperen artiestenjubileum. Er wordt vastgesteld dat de bloemenhulde die Speenhoff bij die gelegenheid wordt gebracht, alle records breekt en in het bijbehorende gedenkboek steken prominenten als Herman Heijermans, Willem Kloos en Henriette Roland Holst de loftrompet over de jubilaris.

Nog datzelfde jaar blijkt dat het jubileum tegelijk een soort afscheidsfeest was. Speenhoff is kennelijk niet met zijn tijd meegegaan en het kunstminnende publiek laat het steeds meer afweten. Eind 1915 veroorzaakte hij ophef, doordat hij, als reactie op kritiek uit katholieke hoek, vertelt dat hij zelf katholiek is. De mededeling krijgt steeds meer het karakter van een bekering. Speenhoff zegt zich te schamen voor zijn vroegere werk. Hij kuist zijn oude teksten. Brief van een moeder aan haar zoon die in de nor zit heet vanaf dat moment Brief van een moeder aan haar zoon die in de gevangenis zit; de billen worden beentjes en onzedelijk geachte versregels worden vervangen door minder openhartige varianten.

Of Speenhoffs koerswijziging het gevolg is van nieuwe morele inzichten, of dat hij probeerde meer optredens voor katholieke ontspanningsverenigingen te krijgen, blijft onduidelijk. In elk geval was hij vanaf dat moment voor velen het mikpunt van spot. In de loop der jaren ontwikkelde hij zich tot een verbitterd man die regelmatig klaagde over het gebrek aan serieuze erkenning voor zijn werk.

Latere leven en dood
In de jaren dertig deed Speenhoff een aantal antisemitische uitspraken en tijdens de oorlogsjaren deed het gerucht de ronde dat Speenhoff lid van de NSB is geworden. De naam Speenhoff wordt regelmatig genoemd in het pro-Duitse radioprogramma Zondagmiddagcabaret van Paulus de Ruiter (van Jacques van Tol.) Het is echter niet Speenhoff of zijn vrouw Cesarina, maar hun dochter Ceesje Speenhoff die in het programma optreedt. Speenhoff heeft zich eerst van de politieke activiteiten van zijn dochter gedistantieerd. Wel heeft hij tijdens de oorlog vele pro-Duitse teksten geschreven. Coos Speenhoff jr. distantieerde zich na de oorlog uitdrukkelijk van zijn zuster en zette zijn carrière voort in een cabaretduo met zijn vrouw Polly van Rekom.

Vlak voor het einde van de Tweede Wereldoorlog was Speenhoff een van de doden die vielen bij het bombardement op het Haagse Bezuidenhout. Hij werd begraven in Den Haag. Zijn vrouw raakte bij het bombardement gewond en overleed een jaar later, waarna het stoffelijk overschot van Speenhoff overgebracht werd naar de Algemene Begraafplaats Crooswijk te Rotterdam.

Bekende liedjes
Twaalf liedjes met muziek (ca. 1900) (Digitale versie)
(Spotlied op) de vegetariërs (1903)
Brief van een moeder aan haar zoon die in de nor zit (1903)
Het broekie van Jantje (1904)
De vrije vrouwen (1904)
Ik hou van alle vrouwen (1904)
De schutterij (Ook wel bekend als: Daar komen de schutters) (1904)
Tantes testament (1904)
Opoe (1905)
Zeemanslied (1905)
Afscheidsbrief van een lelijk meisje aan haar vrijer (1905)
De eerste klant (1906)
Twee verlaten stakkers (1907)
Het meisje dat men nooit vergeet (1907)
De twee aardige mensen (1909)
Onze Indische gasten (1911)
Dorussie uit het armhuis (1911)
Loflied op Professor Bolland (1915)

Willy Derby

Willem Frederik Christiaan Dieben (Den Haag, 5 april 1886 – aldaar, 9 april 1944) was een Nederlandse zanger die in het interbellum (de periode tussen de beide wereldoorlogen) onder de naam Willy Derby een van de populairste artiesten van Nederland was. Tot zijn bekendste liedjes behoren Het plekje bij den molen (Daar bij dien molen), Twee oogen zoo blauw, Pinda Pinda Lekka Lekka en smartlappen, waarvan Hallo Bandoeng, Het fiere schooiershart, Droomland en Witte rozen de bekendste zijn.

Levensloop
Derby was afkomstig uit een Haags arbeidersgezin. Hij werkte als zingende kelner in Antwerpen en New York en op de veerboot Hoek van Holland - Harwich voordat hij in 1915, gestimuleerd door zijn echtgenote Adelaïde de Kuijper, een serieuze carrière in het variété begon. Aanvankelijk trad hij samen met zijn broer Lou Bandy op onder de naam The Bandy Brothers (Bandy is een veramerikaanste omkering van de lettergrepen Die-ben.) Al snel bleken de karakters van de broers echter te sterk te botsen om zinvol te kunnen samenwerken; in tegenstelling tot Lou stond Willy bekend als een aimabel mens.

Willy veranderde zijn artiestennaam in het al even Amerikaans klinkende Derby en vierde in de jaren twintig en dertig successen als zanger van licht sentimentele teksten, meestal van de hand van Ferry van Delden of Jacques van Tol. Behalve artiest was hij ook eigenaar van een aantal Haagse platenzaken. Het ging Derby financieel dan ook voor de wind, wat goed uitkwam omdat hij vanaf de tweede helft van de jaren dertig zowel zijn echtgenote als minnares Teddy Schaank onderhield.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stond Derby, dankzij Van Tols verkapte verzetslied Op de Grebbeberg, van meet af aan bekend als een anti-Duits artiest. Gebruikmakend van zijn grote populariteit zocht hij bij optredens de grenzen op van wat de bezetter als toelaatbaar beschouwde. Dat hij die grenzen ook weleens overschreed blijkt uit het feit dat hij zowel in 1941 als in 1943 gedetineerd was in de Scheveningse strafgevangenis op beschuldiging van anti-Duitse provocatie. Daar werden hem de medicijnen die hij nodig had voor zijn hartkwaal onthouden. Teddy Schaank wist met list en moed te bereiken dat ze haar vriend kon bezoeken. Zij smokkelde de medicijnen naar binnen en redde daarmee mogelijk zijn leven.

Tijdens de oorlog verslechterde Derby's gezondheid. Luttele tijd nadat Teddy Schaank de liefdesrelatie met hem verbrak, stierf Derby op 58-jarige leeftijd aan een hartaanval en werd begraven op Oud Eik en Duinen.

Louis Davids

Louis Davids, pseudoniem van Simon David (Rotterdam, 19 december 1883 – Amsterdam, 1 juli 1939), was een Nederlands acteur, cabaretier, zanger en revueartiest. Hij staat bekend als een van de grootste namen van de Nederlandse kleinkunst.

Biografie
Jonge jaren

Davids werd geboren in de Raamstraat in de Rotterdamse Zandstraatbuurt als zoon van de komiek en caféhouder Levie David (1857-1906) en Francina Terveen (1858-1927) in een arm Joods gezin van vier kinderen. Zijn ouders traden op met komische duetten en Louis zong als 8-jarige al op kermissen, door zijn broer Hartog (Hakkie) begeleid op de piano. Hakkie en Louis gingen in de wintermaanden naar de Havenlozen School en kregen daarnaast privé-lessen — Hakkie in muziek en Louis in moderne talen. De leraar van Louis, meester Thorn, was een groot variétéliefhebber en bracht dit over op zijn leerling.

Zijn eerste optreden had Louis al op vijfjarige leeftijd op de Groningse kermis, waar hij staand op een pilaar en gekleed in een rokkostuum en hoge hoed liedjes zong. Hij kreeg de reputatie van wonderkind en boekte al snel flinke successen; op vijfjarige leeftijd krijgt hij het voor die tijd hoge salaris van vijf gulden per dag en later werd dit zelfs het dubbele. Op zijn zevende komt zijn grote doorbraak als hij een contract krijgt bij theater Tivoli aan de Westerstraat, waar hij optreedt onder de naam Louis Davids Jr. Zijn successen zorgden regelmatig voor ruzies tussen Louis en zijn vader, die hem ‘het kleine aristocraatje’ noemde. Vanwege de oplopende spanningen besloot vader Davids dat het beter was als Louis niet langer met zijn ouders optrad, waarop Louis een duo vormde met zijn zus Rika. De twee wisten een plaats te veroveren in theater Pschorr. Ze zongen er liedjes als Een reisje langs den Rijn en Zandvoort bij de zee. In het Amsterdamse Carré wist Duo Davids vervolgens onder leiding van theaterdirecteur Frits van Haarlem een succesvol revueprogramma op te zetten.

Na een paar jaar was het duo echter te oud om nog voor miniatuurkomieken door te kunnen gaan en te jong om als volwaardig artiestenduo gezien te worden. Ze werden door Van Haarlem op straat gezet en Louis moest noodgedwongen terugkeren naar zijn familie. Na zijn successen in Carré was zijn afkeer voor de tingeltangelcafés waar ze optraden nog groter geworden. Hij veroorzaakte een rel met zijn verzet tegen het zogenaamde mansen, waarbij een vrouwelijk artiest met een schoteltje langs het aanwezige publiek moest om geld te vragen. Destijds de gebruikelijke manier voor artiesten om inkomsten te verwerven, maar Louis kon de vunzige opmerkingen en handtastelijkheden van het vaak stomdronken publiek niet langer aanzien. Toen hij zestien jaar werd, mocht hij toetreden tot artiestenvereniging 'Hulp in Nood', waarvan zijn vader voorzitter was. Zijn allereerste actie was een poging het mansen te verbieden. Zijn vader verklaarde zich tegenstander en een laaiende ruzie brak uit in het gezin, waarbij Louis door zijn ouders werd uitgescholden voor 'rooien sociaal'. Door zijn acties volgde na enige tijd een volstrekt verbod op rondgang na een voorstelling, maar Louis werd uit het gezelschap van zijn vader gezet. Na een jaar als goochelaarshulpje in Engeland keerde hij terug naar huis.

Revuester
In 1904 moest Davids voor een jaar in militaire dienst. Na zijn terugkomst smeekte hij Van Haarlem om een tweede kans, die uiteindelijk zwichtte; Louis en Rika mochten voor de tweede maal in Carré optreden, nu als volwaardige artiesten. Ze maakten deel uit van een revueachtig programma, waar ze samen met andere artiesten liedjes ten gehore brachten en sketches speelden. Tussendoor waren dansers en acrobaten te zien. De optredens in Carré zorgden voor een belangrijke doorbraak in Davids’ carrière, hij begon nu echt naam te maken als artiest.

Davids trouwde in oktober 1906 met Rebecca (Betsy) Kokernoot. Het was een weinig liefdevol huwelijk, dat Davids later zou omschrijven als een "moetje"; Betsy was namelijk al vier maanden zwanger. Al voor de geboorte van zijn dochter vertrekt Louis voor een tijd naar Engeland. Hij is hiervoor uitgenodigd door Frits van Haarlem, die een grootse revue in Carré wilde verwezenlijken en daarvoor in Londen inspiratie wilde opdoen. Louis leek de aangewezen persoon om hem hierbij te helpen; na zijn tijd als goochelaarshulpje kende hij de weg in Londen immers als geen ander. Resultaat van de expeditie was de eerste grote Nederlandse revue, Koning 'Kziezoowat in Amsterdam, die Davids samen met Van Haarlem schreef en waarin Rika en hijzelf de hoofdrollen speelden. De revue werd meer dan honderd keer opgevoerd in Carré en was een daverend succes. Na dit overweldigende succes zetten Louis en Rika een punt achter de samenwerking met Van Haarlem en stapten over naar de revue van Henri ter Hall, waar jongere zus Hendrika (Heintje) hen kwam versterken.

Toen Rika de Oostenrijkse goochelaar Joachim Lifschütz ontmoette, trouwde ze, vertrok naar Engeland en stapte uit het duo. Het was een klap voor Davids, die zo goed op zijn zus ingespeeld was en aanvankelijk weigerde hij opnieuw een duo te vormen. Zijn zus Heintje wist hem met veel moeite toch over te halen. Tegen alle verwachtingen in had het nieuwe Duo Davids nog meer succes dan het oude en er werden zelfs tournees naar Duitsland en Engeland ondernomen (1910-1911). In die eerste jaren begon Davids ook op te treden in Nederlandse operettes en voor de stomme film. De echtgenoot van Heintje, Philip Pinkhof, schreef voor de revues waar de beide Davidsen in speelden. De samenwerking duurde jaren voort, waarin ze niet alleen met regelmaat in Carré stonden, maar ook tournees door onder andere Duitsland en Engeland maken.

He, She and the Piano

Tijdens een tournee door Engeland maakte hij kennis met de Engelse officiersdochter en artieste Margareth Whitefoot, beter bekend als Margie Morris; een getalenteerde muzikante, opgeleid aan het conservatorium. De twee kregen een verhouding en in 1913 verhuisde Morris naar Nederland. Betsy Kokernoot weigerde echter om de door Louis aangevraagde scheiding door te zetten, waardoor ze tot zijn dood officieel getrouwd zouden blijven. Louis verliet haar wel en hij verhuisde samen met Margie naar Amsterdam.

Tot 1922 vormden Margie en Louis het duo "He, She and the piano", waarvoor Margie meestal als componist tekende. Margie en Louis kregen in 1915 een zoon, Louis jr. Het komische repertoire werd langzamerhand uitgebreid met het levenslied. In 1919 gingen Morris en Davids acht maanden lang op tournee in Nederlands-Indië. Aldaar voelde Davids zich ontzet over de onderdrukking van de inheemse bevolking, wat hem ertoe bewoog bij terugkomst in Nederland het lied Rassenhaat te schrijven. Daarin liet hij zich uiterst kritisch uit over de Nederlandse kolonisatoren, die hij beschreef als 'De heren die hoonen en trappen, die onder 't mom van beschaving, cultuur, 'n volk van millioenen verdrukken'.

Davids en Morris schreven samen een aantal beroemd geworden liedjes; niet alleen voor het eigen repertoire, maar bijvoorbeeld ook voor toneelstukken van Herman Bouber zoals Bleeke Bet (1917), Oranje Hein (1918) en De Jantjes (1920).

Gedurende de Eerste Wereldoorlog leidde Davids enige tijd het 'Eerste Nederlandse Mobilisatie Cabaret' - het leger had ingezien dat Davids zo bruikbaarder was dan als gewoon landweerman. In deze periode ontstonden een aantal allerminst verfijnde nummers geïnspireerd op het soldatenleven, zoals Potverdikkie poetsie pats en het apachenliedje Op den dijk. Tussen 1922 en 1926 was Davids directeur van het Casino-theater in Rotterdam.

De Grote Kleine Man

In 1926 ging Davids weer naar Amsterdam en werkte hij mee aan verschillende revues onder directie van Frits Stapper. In de revue Lach en vergeet (1929) zong hij voor het eerst het lied dat verreweg zijn bekendste zou worden: De kleine man, waarin hij als burgermannetje met bolhoed de tussen kapitaal en arbeid in verdrukking komende kleine burger bezingt. Zowel het liedje, dat nog in hetzelfde jaar op plaat werd uitgebracht, als de bijbehorende sketch waarin Davids' kleine man bij de stembus belaagd werd door politieke propagandisten, oogstten veel lof. Uit deze periode dateert ook zijn relatie met tekstschrijver Jacques van Tol, met wie hij een auteursrechtelijke overeenkomst sloot; Van Tol zou anoniem vrijwel alle teksten voor Davids schrijven in diens Kurhaus-Cabaretperiode (1931-1938).

Kurhaus-periode
Na de dood van Jean-Louis Pisuisse, op wiens begrafenis Davids een rede hield, was het Kurhaus, waar Pisuisse gewoonlijk optrad met zijn cabaret, een tijd zonder succes als bioscoop geëxploiteerd. Daarna, in 1931, zocht de Maatschappij Zeebad Scheveningen contact met Davids. In de jaren die volgden bereikte zijn roem een hoogtepunt en vestigde hij zijn naam als de veelzijdigste en best gewaardeerde kleinkunstenaar van Nederland. De Scheveningse programma's, evenals de programma's die Louis Davids af en toe in het Amsterdamse Leidsepleintheater bracht, droegen het karakter van een cabaretrevue: zang en conférences afgewisseld door revuesketches en nummers die aan Davids' verleden in het variété deden denken, zoals buiksprekers en sneltekenaars. Van veel betekenis was het feit dat Davids vele begaafde Nederlandse en buitenlandse artiesten in zijn programma's een kans gaf. Onder hen waren gevestigde grootheden als Rudolf Nelson en zijn cabaret uit Berlijn, maar ook beginners als het Cabaret Ping Pong, Martie Verdenius, Wim Kan en Corry Vonk. Ook Wim Sonneveld begon zijn carrière bij Davids; nog niet als artiest, maar als secretaris op kantoor. In de winter werkte Davids als vanouds bij de revue, o.a. bij Meyer Hamel en René Sleeswijk.

In mei 1931 vertrok Davids naar Londen om voor het Britse platenlabel His Master's Voice een aantal liedjes op te nemen met het orkest van orkestleider Bert Ambrose in de C-studio van Queen's Hall.

In 1937 werd Davids door Koningin Wilhelmina benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Ziekte en dood
In 1937 moest Davids zijn medewerking aan de Nederlandsche Revue van Sleeswijk beëindigen wegens zijn astma. Een jaar later moest hij om gezondheidsredenen ook het Kurhaus-Cabaret verlaten. De ziekte had hem sinds de jaren twintig zeer veel hinder bezorgd; sporadische kuren hadden niet veel geholpen. De astma-aanvallen, die hem dwongen te stoppen met werken, waren indirect ook verantwoordelijk voor zijn toch vrij onverwachte dood op 55-jarige leeftijd in 1939.

Op 3 juli 1939 vond de uitvaart plaats. Duizenden bewonderaars kwamen naar de Herman Gorterstraat om bij de woning een laatste groet uit te brengen en de motorkap van de rouwauto met bloemen te overladen. Davids werd gecremeerd in Crematorium Westerveld te Driehuis, waar o.a. Max Ehrlich, Henri ter Hall, Louis Contran, Max Tak en Alex Benno spraken. De baar werd neergelaten begeleid door een orgeluitvoering van Åses død uit Edvard Griegs Peer Gynt suite. Zijn as is in een columbarium van het crematorium bijgezet. De resten van zijn zwager Philip "Rido" Pinkhof en zijn zuster Heintje Davids werden later bij hem geplaatst.

Repertoire
Een kleine greep uit het repertoire van Davids: De kleine man, Mina, Nou tabé dan, Kindervragen, Lintjesregen, Sally met de roomijskar, Wat een meisje weten moet, Weekend in Scheveningen, Mammie heeft haar rijbewijs, Naar de bollen, De begrafenis van ome Manus, De Scheveningse zee, Bridgeclub Kijk voor je, De Sweepstake, Waarom zou ik niet, De olieman heeft een Fordje opgedaan, Ich küsse ihre Hand Madame, De voetbalmatch, Weet je nog wel oudje, Moeder is dansen, Als je voor een dubbeltje geboren bent, In de Jordaan.

Zangeres Zonder Naam

Maria (Mary) Servaes-Bey (Leiden, 5 augustus 1919 – Horn, 23 oktober 1998) was een Nederlandse zangeres. Zij vertolkte onder de artiestennaam Zangeres Zonder Naam decennialang het Nederlandse levenslied, hetgeen haar de bijnaam 'Koningin van het Levenslied' opleverde.

Tot haar grootste successen behoren: Ach vaderlief, toe drink niet meer (1959), De blinde soldaat (1962), Mexico (1969, 1986), Het soldaatje (de vier raadsels) (1971), Mandolinen in Nicosia (1972), Keetje Tippel (1975), Rock around the clock (met Normaal, 1987), 't Was aan de Costa del Sol (1975) en Vragende kinderogen (1982). In totaal nam ze meer dan 550 liedjes op en verkocht ze meer dan 17 miljoen geluidsdragers.

Levensloop
Mary Servaes werd geboren in Leiden als Maria (Rietje) Beij. Ze was de achtste in een arbeidersgezin van tien kinderen en had geen gemakkelijke jeugd. Toen ze drie was, maakte ze een lelijke val waardoor ze een heup brak. Het breukherstel bleef tien jaar lang aanslepen en ze hield de rest van haar leven last van haar heupen.

Haar bekering tot het rooms-katholicisme leidde tot een breuk met haar vader. Haar moeder was zelf gelovig, maar haar vader verbood het geloof in huis. Ze woonde in de oorlogsjaren een tijdje bij haar zus in Kampen en later bij haar broer in Maastricht, waar ze haar echtgenoot de Maastrichtenaar Sjo Servaes (1923-1990) ontmoette die werkzaam was als metaalbewerker en later chauffeur zou worden. Zij trouwden in 1948.

In Maastricht trad ze als zangeres op in cafés. Voor een bevriende zanger verzorgde ze in 1957 de achtergrondzang op een demo van het nummer Loeënde klokken, die uiteindelijk bij Johnny Hoes belandde. Van de zanger op de opname was Hoes niet erg onder de indruk maar hij vond het kinderstemmetje op de achtergrond erg bijzonder. Nadat hem werd verteld dat de stem op de demo niet van een kind was, maar van een 37-jarige vrouw, nodigde hij Mary uit voor een auditie. Ze kreeg op 19 april 1957 (verjaardag van Hoes) een platencontract aangeboden. Ze zong hierop haar eerste single, Kindergebed, die niet slecht verkocht voor een eerste single. Vanwege haar stemgeluid, waar Hoes geen naam voor had, verzon hij voor Mary de artiestennaam de Zangeres Zonder Naam. Wellicht vond hij daarvoor inspiratie bij de Franse zanger Roland Avellis, reeds voor de Tweede Wereldoorlog bekend als "Le chanteur sans nom". Verder was er in die jaren ook een Orkest Zonder Naam.

De eerste gouden single van de Zangeres verscheen in 1959: Ach vaderlief, toe drink niet meer. Het is de eerste uit een lange rij hits die de Zangeres tot in de jaren tachtig scoorde. De bemoeienis van cultuurdragers als Gerard Reve en Lucebert zorgde er in de jaren zeventig voor dat ze, behalve onder het traditionele levensliedpubliek, ook in kunstenaarskringen werd geroemd, zij het met de nodige camp-ironie. Toen Reve in oktober 1969 in de Allerheiligst Hart van Jezuskerk de P.C. Hooft-prijs ontving vroeg hij de zangeres voor een optreden tijdens de huldiging.

Ook protestliederen waren de Zangeres niet vreemd. Zo nam ze in 1965 Hij was maar een neger (over racisme) op en vertolkte ze in 1969 De soldatenmoeder, door Lucebert geschreven voor het experimentele schouwspel Poppetgom, dat kritiek leverde op de Vietnamoorlog. Toen ze het in 1977 in een zelfgeschreven tekst tegen de Amerikaanse anti-homorechtenactiviste Anita Bryant opnam (Luister Anita), was ook haar status als "Moeder aller homo's" in Nederland definitief gevestigd: "Maar beste vent hou gerust van je vriend, en strijd voor je rechten, desnoods ervoor vechten. Waar ze jou van beschuldigt heb jij niet verdiend."

In 1975 brak de Zangeres met Johnny Hoes. Het leverde een lang juridisch proces op waarin ze financieel aan het kortste eind trok. Ze zou na die tijd alleen nog in verbitterde termen over Hoes spreken. Eind jaren '70 ontfermde Jack de Nijs zich over haar en schreef en produceerde een twintigtal liedjes, die werden uitgebracht door platenmaatschappij EMI, waarvan de single getiteld Jongen in april 1980 de Nederlandse top 40 bereikte. Gedurende de jaren tachtig bleef ze bescheiden hits scoren tot ze in 1986 een inmiddels legendarisch optreden verzorgde in de Amsterdamse rocktempel Paradiso. De op die avond opgenomen versie van haar jaren-zestighit Mexico werd een groot succes en leverde de Zangeres een nieuwe generatie fans op. Ze verzorgde hierna ook optredens in discotheken en nam een single op met de groep Normaal. Beide singles behaalden een top-10 notering. Voor haar lp Live in Paradiso ontving ze in 1987 een Edison. Dit alles vormde de opmaat tot haar afscheidsconcert in Tilburg op 31 december van dat jaar. Haar afscheidsalbum Bedankt lieve mensen werd goud en ook de singles Mijn leven en Braziliaanse nachten werden bescheiden hits. In juni 1988 kreeg ze de erepenning van de stad Leiden, wegens haar onnavolgbare vertolkingen van het levenslied.

De Zangeres wilde na haar afscheid samen met Sjo Servaes van haar oude dag genieten, wat echter werd verhinderd door de plotselinge dood van haar echtgenoot, thuis in Stramproy op 26 augustus 1990. Servaes bracht de laatste jaren van haar leven door in haar huis in Stramproy en liet herhaaldelijk merken hoezeer ze haar echtgenoot en haar publiek miste. In 1993 kwam ze daarom nog een keer terug op de bühne en bracht het album Eenmaal in je leven uit. De gelijknamige single werd haar laatste hit.

In 1994 werd nog eenmaal een feest gehouden, ter gelegenheid van haar 75ste verjaardag. Ze moest vanwege Parkinson opgenomen worden in een verzorgingstehuis in Horn, waar ze op 79-jarige leeftijd aan een hartstilstand overleed. Servaes-Bey werd in hetzelfde stapelgraf als haar man begraven op het kerkhof van de Sint-Willibrorduskerk in Stramproy. Later werd bekend dat de zangeres berooid is overleden, testamenten en spaarbankboekjes waren verdwenen.

Na haar dood
Tijdens haar lange carrière was de Zangeres voor veel mensen uitgegroeid tot een symbool van hoop en liefde. Haar dood kwam voor fans dan ook hard aan. Duizenden mensen reisden naar Stramproy om afscheid van haar te nemen. Onder de gasten in de kerk bevond zich een aantal bekende collega's, waaronder Albert West, Trea Dobbs, Pierre Kartner en de Vlaamse ster Eddy Wally. Zevenhonderd aanwezigen gaven haar een minutenlange staande ovatie. Marianne Weber vertolkte het lied waarmee de Zangeres in 1987 afscheid nam: Mijn Leven (My Way).

De Zangeres Zonder Naam wordt beschouwd als een van de belangrijkste iconen die het Nederlandse levenslied heeft opgeleverd. In haar carrière verkocht ze meer dan 17 miljoen platen. Daarmee behoort ze tot een van de meest succesvolle artiesten uit de Nederlandse muziekgeschiedenis.

In 1999 werd een groot deel van haar inboedel geveild ten bate van diverse goede doelen.

Op 18 mei 2007 werd in haar geboorteplaats Leiden de Mary Beystraat officieel geopend. Het straatje in de Leidse nieuwbouwwijk (2007 – 2008) ontbeerde lange tijd een straatnaambordje, hoewel deze 'Straat Zonder Naam' wellicht erg toepasselijk was. Neef Willem Bey nam het voortouw voor de opening, die werd verricht door oud-minister en oud-wethouder van Leiden Alexander Pechtold.

In januari 2010 verscheen het boek Sterven Zonder Naam van Ben Holthuis en co-auteur Frank Wouters (ISBN 9789085109013). Het handelt over de trieste laatste jaren van de Zangeres Zonder Naam. Naar aanleiding van het boek werden door kamerleden Pechtold en Ine Aasted-Madsen kamervragen gesteld over het falende beschermingsbewind.
 

Jantje Koopmans

Jantje Koopmans, artiestennaam van Johannes Petrus van Eersel (Waspik, 21 februari 1924 – Kaatsheuvel, 17 maart 2013), was een Nederlands zanger van het levenslied.

Hij had zijn bekendheid voornamelijk te danken aan de hit Rode rozen uit 1984. De nummers van Koopmans worden nog regelmatig vertolkt door Ad van Opstal. Na een succesvolle imitatie in de Soundmixshow verkreeg hij van Koopmans de rechten om zijn repertoire te vertolken. Koopmans' nummer 'Het dorpscafeetje' werd in 2013 door de Gebroeders Ko gebruikt voor een carnavalslied, onder de titel 'De Blauwe Stier'.

Op 17 oktober 2006 vierde Van Eersel zijn diamanten huwelijk. Op 17 maart 2013 overleed Johannes Petrus van Eersel op 89-jarige leeftijd in een verpleegtehuis in Kaatsheuvel (De Riethorst). Op 22 maart 2013 werd hij begraven op de Algemene Begraafplaats van Waspik.

Hij was de overgrootvader van singer-songwriter Sem Rozendaal.

Eddy Wally

Eddy Wally, artiestennaam van Eduard René Van De Walle (Zelzate, 12 juli 1932 – aldaar, 6 februari 2016), was een Belgische zanger die bekend werd door zijn hits als Chérie (1966), Dans met mij die laatste tango! (1969), Ik spring uit een vliegmachien (1987) en Dans mi amor (2003).

Levensloop
Jeugd en opleiding
Eddy's vader Henri, woonachtig in volkswijk De Katte in Zelzate, werkte als arbeider in een teerfabriek van Zelzate. In zijn vrije tijd trad hij in de streek regelmatig en met succes op als een begenadigd accordeonspeler. Hij leerde zoon 'Wardje' al vroeg accordeon, gitaar en mondharp spelen. Toen Henri op 49-jarige leeftijd overleed, moest de 14-jarige Eddy zelf de kost gaan verdienen als textielarbeider bij weverij Crans in Sas van Gent. Naar het voorbeeld van zijn vader ging Eddy na zijn werkuren optreden in cafés als zanger en gitaarspeler. Tijdens een 'crochet' (een talentenjacht) leerde hij Mariëtte Roegiers kennen, met wie hij in 1956 in het huwelijk trad. In 1957 kregen ze hun enige dochter, Marina Wally. Zij werd later zelf ook actief als zangeres.[6] Na het huwelijk zei Eddy de fabriek vaarwel en trok samen met zijn schoonmoeder de markten op. Ze verkochten lederwaren op verschillende grote markten in Vlaanderen. In 1960, na de dood van zijn schoonmoeder, nam hij de zaak van zijn schoonouders over, een café en winkeltje in de Achterstraat te Ertvelde. Mariëtte en Eddy bleven - immer onzeker over zijn inkomsten als artiest - zelfs na zijn successen nog lang de markten doen.

Muzikale carrière
In 1966 leerde Eddy Wally de Nederlandse producer Johnny Hoes kennen. Onder diens leiding nam Eddy zijn eerste nummer Chérie (1966) op, dat een grote hit werd. Wally haalde er de eerste plaats mee in de Vlaamse hitparade en een gouden plaat (goed voor 50.000 verkochte exemplaren). Het nummer stond op nummer 1 in de Vlaamse hitparade, en klom tot nummer 14 in de Nederlandse hitlijst, wat een behoorlijk unieke prestatie was in die tijd voor een Belgische artiest. Tot op de dag van vandaag is dit zijn bekendste nummer.

In 1967 verwezenlijkte Eddy een van zijn grote dromen: hij liet achter het café in de Achterstraat te Ertvelde het feestpaleis 'Paris-Las Vegas' bouwen. Vele artiesten kregen van Wally kansen en begonnen hun carrière in deze Vlaamse showtempel zoals André Hazes, Luc Appermont, Jo Leemans en Zwarte Lola. Het eerste optreden van Eddy op de Nederlandse televisie in 1970 was toen hij de show van Zwarte Lola introduceerde met het lied Ik ben stapeldol op Lola. Zwarte Lola.

Het succes van Cherie leidde een lange carrière in, waarbij Eddy Wally meer dan 500 nummers opnam. Hij is via zijn regelmatige verschijningen in het programma Eurotrash (Eurorommel) ook bekend in het Verenigd Koninkrijk. Hij trad ook verschillende keren op in China (waarvoor hij Chérie in het Chinees vertaalde naar Baobei), Duitsland, Australië, Zuid-Afrika en Rusland. In de jaren zeventig trad hij verschillende keren op in hotels in Las Vegas en in Canada. Bij thuiskomst uit de Verenigde Staten merkte hij op: "ze liken Eddy Wally in America, de Belgian peoples en de Amerikaanse peoples liken me". Vanwege zijn zelfverklaarde "succes" in het buitenland noemt Wally zich al jaren The Voice of Europe ('De Stem van Europa'), in navolging van Frank Sinatra, met wie hij zichzelf graag vergelijkt. De oudste zoon van Johnny Hoes, Adri-Jan Hoes, zorgde in 2005 voor een comeback met de hit Shanghai.

Medio jaren 70 tot de jaren 80 presenteerde Wally op Radio 2 Oost-Vlaanderen het programma Onvergetelijk.

Wally kreeg in juni 2006 in Ertvelde een standbeeld ter ere van zijn oeuvre. Het heeft als opschrift "Ode aan Eddy Wally - The voice of Europe" en laat de titel van zijn grootste hit Chérie zien. Daarnaast is in het geheel een marktkramerstas opgenomen, een verwijzing naar Wally's afkomst. Dit kunstwerk is gemaakt door Adi Verbeke.

Einde carrière
Wally werd op 6 maart 2011 in het ziekenhuis opgenomen met een hersenbloeding. Hij raakte door de hersenbloeding licht verlamd. De volgende dag werd hij overgebracht naar het AZ Sint-Lucas in Gent. De dag daarna, op 8 maart, werd Wally van daaruit overbracht naar het UZ in Jette. Volgens zijn echtgenote was Wally aan de linkerkant verlamd en was de kans klein dat hij nog terug zou keren als zanger. In juli 2011 verhuisde hij van het ziekenhuis naar een rusthuis in Zelzate.

Op 6 oktober 2012 overleed zijn echtgenote Mariëtte Roegiers op 80-jarige leeftijd.

Op 14 en 15 december 2012 maakte Eddy Wally een comeback tijdens de Nacht van de Schlagers in Kortrijk, die zijn definitieve afscheid van het podium betekende.

Op 6 februari 2016 overleed Eddy Wally in het rusthuis van Zelzate ten gevolge van een nieuwe hersenbloeding. Op 13 februari vond de uitvaartplechtigheid van Wally plaats in de Sint-Laurentiuskerk in Zelzate.

Media

Eddy Wally had zijn bekendheid niet zozeer aan zijn muzikale talenten te danken, dan wel aan zijn excentrieke gedrag en uitspraken. Wally kleedde zich graag in glitterkostuums zoals Liberace en gedroeg zich als een naïeve, onverstoorbare optimist. Zijn typische stopwoorden ("gewéldig", "wauw", "onvoorstelbaar", "oh my god") en zijn vreemde manier van praten werden door komieken vaak geïmiteerd. Vanwege zijn faam en komische imago was hij vaak te gast in verschillende amusementsprogramma's. Zo had hij een gastrol in FC De Kampioenen in de aflevering Chérie, in Samson en Gert in aflevering 163 (1992) en in een aflevering van Wie ben ik?, waar hij in de betreffende uitzending een ploeg vormde met Daisy Van Cauwenbergh en Urbanus.

Een vraag die velen zich stelden, is of Eddy Wally een typetje was of niet. Jan Van Rompaey heeft Eddy Wally in het verleden meermaals geïnterviewd voor diverse programma's, waaronder Echo. Volgens hem had Eddy een beperkte woordenschat en speelde hij geen typetje, hoewel hij er mogelijk wel een schepje bovenop deed. Kamagurka had ongeveer eenzelfde mening hierover, maar insinueerde dat Eddy Wally zich ook excentriek gedroeg "omdat men dat verwachtte van een beroemdheid". Uit de diverse samenwerkingen tussen Kamagurka en Eddy Wally concludeerde Kamagurka dat Wally een soort dyslexie had: hij schreef veel zaken fonetisch op en had het enorm moeilijk met het onthouden van de tekst van eenvoudige scenario's.

Zijn bekendste televisieoptreden was zijn rol als Kapitein Wally in Kamagurka en Herr Seeles comedyreeks Lava (1989). In de rubriek Wally in space (een parodie op Star Trek) speelde Wally de rol van ruimtekapitein. Een running gag in Wally in space was dat Kapitein Wally telkens begon te zingen wanneer de bemanning bedreigd werd, want "als de kapitein zingt wijkt het gevaar." Later presenteerde Wally ook samen met Kamagurka en Herr Seele het radioprogramma Studio Kafka op Studio Brussel.

Wally presenteerde vanaf de tweede helft van de jaren 70 tot de jaren 80 zijn eigen radioshow Onvergetelijk bij Omroep Oost-Vlaanderen. In de jaren 2000 had hij ook een wekelijks rubriekje in het programma van Erwin Deckers en Sven Ornelis op radiozender Q-music.

In 2014 werd hij door Eric Goens geïnterviewd voor de documentairereeks Kroost.

In 2026, tien jaar na het overlijden van Eddy Wally, kwam op VRT 1 en VRT MAX een documentaire over Eddy Wally uit, getiteld Chérie. Ook in deze documentaire wordt de vraag niet beantwoord of Wally een typetje speelde of niet. Jan Van Rompaey gaf toe dat het hem spijt dat hij destijds Eddy Wally meermaals belachelijk heeft gemaakt op televisie. Wally besefte dat men met hem de spot dreef, maar ondanks hij hier onder leed, speelde hij het spel mee. Volgens de geïnterviewden was Wally een gewiekst zakenman en kon hij mensen zo beïnvloeden dat ze altijd iets van hem kochten.
 

De artiesten 2

Hier vindt u een overzicht van de artiesten die belangrijk zijn geweest of nog steeds zijn binnen het muziekgenre levenslied

Corry & de Rekels

Corry en de Rekels was een Nederlandse muziekgroep rond zangeres Corry Konings. De groep is vooral bekend van de hit Huilen is voor jou te laat.

Biografie
In 1968 werd Corry Konings ontdekt door Ries Brouwers. Konings was destijds zeventien jaar en werkte als kapster. Daarnaast zong ze al twee jaar bij de groep De Mooks. Een lokale platenhandelaar had haar horen zingen en haar voorgesteld aan Pierre Kartner. Konings zong op dat moment bij het dansorkest De Rekels dat bestond uit gitarist Jacques Wagtmans, bassist-sologitarist André de Jong, accordeonist Jos van Zundert en drummer Kees Dekkers. Konings werd in 1973 vervangen door Hanny (Hanny en de Rekels), die later een succesvolle solocarrière zou uitbouwen onder de naam Hanny. De eerste single die Corry en de Rekels in 1969 uitbrachten was Vaarwel, ik zal geen traan om je laten en werd in de Veronica Top 40 nummer 22. In Vlaanderen werd het zelfs nummer 6. De tweede stem in het nummer wordt ingezongen door Pierre Kartner. Dat zou hij bij alle singles van Corry en de Rekels blijven doen. Na Mijn stil verdriet kwam in 1970 het grote succes met Huilen is voor jou te laat. Dat nummer kwam tot #5 in de Top 40 en stond 42 weken genoteerd, wat voor die hitlijst destijds een record was. Het record hield ruim 43 jaar stand, totdat Pharrell Williams het in 2014 verbrak met zijn single Happy. In de Hilversum 3 Top 30 stond Huilen is voor jou te laat 19 weken genoteerd en kwam het twee keer opnieuw binnen in de lijst. In datzelfde jaar werd drummer Kees Dekkers vervangen door Frans Castelijn, die in 1972 opgevolgd werd door Rob Kraak.

Corry en de Rekels hadden daarna nog hits met Rozen die bloeien, Zonder het te weten, het kerstnummer Hoog daar aan de hemel, Igorowitsch en Dagen en nachten. In 1972 verliet Konings De Rekels om een succesvolle solocarrière te beginnen. Tot 1988 trad ze op onder de naam Corry en daarna onder haar volledige naam, Corry Konings. Haar grootste solohits waren Ik krijg een heel apart gevoel van binnen, Adios amor en Mooi was die tijd.

André Hazes Sr.

André Gerardus Hazes (Amsterdam, 30 juni 1951 – Woerden, 23 september 2004), postuum ook wel bekend als André Hazes sr. ter onderscheid van zijn gelijknamige zoon, was een Nederlandse volkszanger en kroegbaas. Vanaf de late jaren 70 verwierf hij grote populariteit in Nederland en Vlaanderen met zijn eigentijdse vertolking van het levenslied. Hazes geldt als een van de succesvolste artiesten binnen het genre.

Zijn grootste hits omvatten Eenzame kerst (1976), Een beetje verliefd (1981), Ik meen 't (1985), Wij houden van Oranje (1988), Bloed, zweet en tranen (2002). Na zijn dood werden Zij gelooft in mij (2004) en Blijf bij mij (2007, met Gerard Joling) opnieuw uitgebracht. Hazes bracht in totaal meer dan 300 nummers uit op 26 studioalbums, exclusief compilatie- en live-albums.

Levensloop
Jeugd

André Hazes werd geboren in de Gerard Doustraat 67-III te Amsterdam en bracht zijn jeugd door in de volkswijk De Pijp. Hazes had vier broers en een zus. Zijn oudste broer, Joop Hazes, was ook zanger. Zijn zangtalent werd op 5 mei 1959 ontdekt door Johnny Kraaijkamp sr., toen André op de Albert Cuypmarkt stond te zingen. Zodoende verdiende hij geld om een cadeautje te kopen voor zijn moeder die de volgende dag jarig was. Hierna werd hij door Kraaijkamp als kindsterretje gelanceerd in het televisieprogramma AVRO's weekendshow. Er werden twee singles gemaakt: Droomschip en Juanita, maar de kleine Hazes brak niet door. Wel kwamen er verschillende aanvragen binnen voor optredens, maar deze werden door Kraaijkamp afgewimpeld zodat Hazes zich kon richten op school. De vader van Hazes had namelijk een geldboete gekregen voor het drie keer schoolverzuim dat zijn zoon had gepleegd voor het televisieprogramma. Door zijn optreden kreeg Hazes in november de beroemde zangeres Caterina Valente thuis op bezoek.

Loopbaan
Jaren 70
Hazes zijn eerste baantje was op zijn veertiende bij de Draka fabriek in Amsterdam-Noord. Toen hij voor de tweede keer werd "ontdekt", werkte Hazes als barman in café De Krommerdt. Over de 'tweede ontdekking' van Hazes tekende biograaf Jos van Zoelen twee versies op: een van producer en arrangeur Job Maarse en een van Tonny Verbrugge, de zoon van Willy Alberti. In september 1976, aldus Maarse, bood Hazes zijn nummer Eenzame Kerst (geschreven door Hazes zelf en zijn neef Tonnie Leroy) aan aan producers Hans van Hemert en Roy Beltman, die er allebei niks in zagen. Daarop stuurde hij een cassette naar Willy Alberti. Alberti belde producer en arrangeur Job Maarse op: 'Het is een apart lied, maar het heeft iets.' Toen Maarse de demo hoorde, zei hij:

Jongen, dat is een dikke hit. Maar dat moet jij niet zingen. Dat moet die gast zelf zingen. Wat een stem! Wie is dat?
Maarse nam contact op met Hazes en vroeg hem of die het zelf wilde opnemen.

Volgens Tonny Alberti kwam de vrouw van Hazes, Annie, met de cassette langs in de platenzaak van Alberti in Amsterdam. Tonny was meteen onder de indruk en nodigde Hazes uit om bij zijn ouders langs te gaan. Volgens hem zou Willy Alberti na beluistering gezegd hebben: 'Dit ga je zelf doen. Jij moet morgen om elf uur hier zijn, dan gaan wij naar Phonogram.'

Producer Maarse associeerde het nummer met een Jordaan-geluid en bracht drie accordeonisten die dat geluid konden produceren, naar de studio: Coen van Orsouw, Harry Mooten en Jan Gorissen. Vijf dagen later werd het lied in een Hilversumse studio opgenomen. Aanvankelijk werd het niet op de radio gedraaid en in vijf weken werden er ongeveer 67 exemplaren verkocht. Toen dj Hugo van Gelderen het op de toenmalige radiozender Hilversum 3 draaide, kwam het de hitparade binnen. In de Nationale Hitparade steeg het nummer van de zestiende naar de eerste plaats. De opvolgers Mamma (april 1977) en De vlieger (oktober 1977) waren bescheiden successen.

In april 1977 nam hij een nachtclub over van Johnny Meijer op het Rembrandtplein samen met een vriend. De volgende maand zou Hazes zijn eerste optreden hebben, waarbij hij zakelijk gecoacht werd door Cor Coster. Uiteindelijk brak Hazes met de nachtclub op het Rembrandtplein, omdat hij meer geld wilde. Hazes raakte door het succes vrienden kwijt, kreeg stemproblemen waar hij aan geopereerd moest worden en kwam in scheiding met zijn eerste vrouw. Hazes vond dat hij door zijn platenmaatschappij Phonogram niet goed was begeleid. Hazes raakte na zijn succesvolle jaar (1977) hierdoor naar eigen zeggen twee jaar in de goot, totdat hij zijn tweede vrouw ontmoette, die hem eruit trok. Zij verdiende in die tijd het geld.

Eind jaren '70 was hij uitbater van Café 't Zwaantje aan de Jonkheer Ramweg in Schalkwijk

Jaren 80
Bij platenmaatschappij EMI waar hij in 1980 een exclusief contract tekende, nam hij met producer Tim Griek de nummers 'n Vriend en Een beetje verliefd op en het bijbehorende album Gewoon André (ook aanwezig was producer Coen van Vrijberghe de Coningh). Met Een beetje verliefd brak hij definitief door bij het grote publiek. Vele hitsingles volgden.

In oktober 1980 werd Pim ter Linde de manager van Hazes, gevolgd door André van Keulen. Hazes kwam steeds vaker op televisie zoals in de programma's Op volle toeren, Dag '80, hallo '81 en De Willem Ruis Lotto Show. In 1981 kreeg Hazes van Conamus de Zilveren Harp, wegens het verdienstelijk maken voor het Nederlandse lied. Door het hernieuwde succes besloot Hazes zijn oude platenmaatschappij oude opnamen van Hazes in de roulatie te brengen, tot ongenoegen van Hazes zelf.

Vanaf maart 1982 was Hazes de hoofdact in de avondvoorstellingen van Showcircus Joop van den Ende (Circus Bassie en Adriaan). Na een maand werd de samenwerking verbroken, omdat zijn optredens toch niet in de circusformule pasten. In mei 1982 bracht Hazes zijn eigen boek uit: Ik lach me kapot.

In december 1982 was Hazes te zien in de Van den Ende geproduceerde film De boezemvriend. Op 28 november 1982 gaf Hazes een groot concert met orkest in het Amsterdamse concertgebouw (dat hij zelf afhuurde). Voor dit concert viel hij in twee maanden 16kg af. Het concert werd een groot financieel succes.

Per 1 maart 1983 bracht hij zijn artistieke en commerciële belangen onder in zijn eigen productiemaatschappij: Melvin Producties b.v. Jos van Zoelen werd nu de manager van André Hazes. Op 25 maart 1983 stond Hazes vervolgens voor het eerst met een concert in Ahoy. Op 16 en 17 mei trad Hazes - in leren jack- samen met Herman Brood op tijdens het benefit-gala Het Gebaar voor Amnesty International in Carre, waarbij hij -in tegenstelling tot zijn dan eigen repertoire- de blues zong.

Een jaar later volgde een tweede concert in Ahoy. In 1984 had hij bij de VARA een eigen televisieserie Zoals u wenst mevrouw, waar ook zijn concert in Ahoy uit 1984 werd uitgezonden. In 1985 volgde de televisieshow Een avond met Andre met liedjes en sketches.

Na een succesvolle periode kreeg Hazes halverwege december 1985 drie maagbloedingen waardoor hij stopte met optreden, en kreeg hij kort daarop in februari 1986 een auto-ongeluk. Vanaf april kon hij langzaam weer werken aan het nieuwe album Innamorato met Italiaanse muziek. Toch besloot Hazes in 1986 niet meer op te treden en meer tijd door te brengen met het gezin. Zo kreeg zijn vrouw geestelijke moeilijkheden. Als alternatief begon hij samen met inmiddels beste vriend en vaste producer Tim Griek een aannemersbedrijf. Pas in augustus stond een optreden voor publiek weer gepland, al gaf Hazes aan liever een normaal leven te willen hebben waarbij hij iedere avond gewoon thuis is. Pas op 21 januari 1987 kwam er een einde aan de rustperiode, waarbij Hazes een optreden gaf in de Jaap Edenhal in Amsterdam. Op 20 januari 1988 trad Hazes op in Koninklijk Theater Carré. Een maand later overleed onverwachts Tim Griek door een auto-ongeluk. Het album Liefde Leven Geven werd aan hem opgedragen. De platen werden vanaf toen geproduceerd door Jacques Verburgt en John van de Ven ("Sjaak en Sjon"). Zij waren vanaf de start van zijn contract met EMI bij zijn opnames als arrangeur en technicus betrokken.

In 1989 maakte Hazes, als cadeautje van de platenmaatschappij wegens zijn tienjarig jubileum bij EMI, voor het eerst bluesachtig repertoire, met het album Dit is wat ik wil, waarvoor hij samenwerkte met Herman Brood, Jan Akkerman, Kaz Lux en John Lagrand. Het plan voor deze plaat had Hazes al jaren met Griek. In november stierf Hazes’ vader, wat de aanleiding werd voor het schrijven van het lied Kleine jongen voor zijn zoon Melvin.

Jaren 90
In september 1990 verbleef Hazes in het ziekenhuis met een maagbloeding. Later werd bekend dat Hazes ging scheiden van zijn tweede vrouw. Hazes stopte vervolgens voor vier maanden met alcohol drinken, waardoor hij zestien kilo afviel. In 1991 trouwde Hazes voor de derde keer.

In 1992 blies Hazes samen met Paul de Leeuw het nummer Droomland nieuw leven in bij De schreeuw van De Leeuw, waarbij ze verkleed waren als kabouters. Ook had Hazes een gastrol bij In de Vlaamsche pot. In 1994 gaf Hazes zijn jubileumconcert in Ahoy. Naar aanleiding van het concert werd een special over Hazes door de TROS uitgezonden. Hazes gaf in zijn jubileumjaar aan dat hij het plan had om op zijn vijftigste te willen stoppen met zingen, om een kroeg te beginnen in Spanje. In 1995 ontving hij een Gouden Harp.

In 1997 en 1998 stond Hazes opnieuw in Ahoy. Onder de titel André Hazes zingt gewoon voor jou werd het concert uit 1998 in twee delen op televisie uitgezonden. Hetzelfde jaar was Hazes tweemaal achter elkaar te gast in Villa BvD, om vervolgens de jaren daarna meerdere malen in Barend & Van Dorp te verschijnen als tafelgast.

In 1999 kende de carrière van Hazes de zoveelste opleving door zijn rol in een reclamespotje van Unox en door een documentaire van John Appel, getiteld Zij gelooft in mij.

Jaren 00
In 2000 weigerde Hazes de Edison Oeuvreprijs 2000 Nationaal, omdat in de media werd gesuggereerd dat hij tweede keus was achter Doe Maar. Tijdens de TMF Awards ontving hij de All time achievement award. Met Patrick Kluivert maakte hij samen het programma André en Patrick van Oranje. In februari 2001 was hij te zien in een gastrol in de voetbalkomedie All Stars, in de aflevering De geur van kampioenen.

In juni 2001 vierde Hazes zijn vijftigste verjaardag in het Amsterdamse Paradiso. Op het podium kreeg Hazes uit handen van burgemeester Job Cohen het Ereteken van Verdienste van de Stad Amsterdam. Een registratie werd op 31 december op televisie uitgezonden onder de titel Abraham Hazes. Tegelijkertijd bereikte zijn album Al 15 jaar gewoon André een mijlpaal door tweehonderd weken in de album top 100 te staan. Ook gaf hij in 2001 driemaal een concert in Ahoy en tweemaal in de Heineken Music Hall. Alle concerten waren uitverkocht. Tot slot verscheen zijn tweede boek Al mijn woorden.

In 2002 maakte Hazes een korte politieke carrière door: hij verwierf bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2002 een gemeenteraadszetel in de gemeente De Ronde Venen voor de partij Ronde Venen Belang.

Op 24 augustus 2002 gaf Hazes een concert in een uitverkocht Olympisch Stadion. Het concert was het eerste muziekoptreden sinds 1983 in het Olympisch Stadion, toen Supertramp optrad.

In maart 2003 werd bekend dat Hazes ging scheiden van zijn vrouw Rachel. Een paar dagen later kwamen ze toch weer bij elkaar. Ook werd hij die maand veroordeeld tot een boete voor mishandeling en belediging van een medepassagier van KLM. In juni vierde hij zijn 25-jarig jubileum met twee grootse concerten in de ArenA als eerste Nederlandse solozanger. Ook verscheen in augustus een verzamelalbum 25 jaar Hazes, dat binnen 2 maanden goud werd met 40.000 verkochte exemplaren. In diezelfde maand kwam nogmaals naar buiten dat Hazes ging scheiden, maar dat Rachel wel zijn zaken en boekingen bleef behartigen. In oktober werd bekend dat de twee geplande concerten in december in Ahoy werden afgelast door deze huwelijkscrisis. Rond februari 2004 kwam het stel weer bij elkaar en op 29 en 31 maart 2004 werden de twee afgelaste concerten in Ahoy alsnog gedaan.

Op 17 en 24 april 2004 was Hazes te zien bij de concertreeks Amsterdamse Avond.

Overlijden
Hazes kreeg in 2004 gehoorproblemen, waarbij hij een permanente ruis in zijn oor hoorde en zichzelf niet meer kon horen spreken. Dit werd duidelijk tijdens een televisieoptreden in Villa BvD, waar hij op 15 juni 2004 Wij houden van Oranje zong. De volgende dag zong hij Bloed, zweet en tranen in hetzelfde programma, wat zijn laatste televisieoptreden zou zijn waarin hij zong.

Ondanks deze problemen gaf Hazes op 25 juni 2004 nog een concert in de Amsterdam ArenA, maar de recensies waren negatief: hij zong soms vals en had moeite met het tempo. Hierdoor besloot hij in augustus 2004 twee geplande concerten in Ahoy te annuleren. In september verscheen hij in een videoboodschap voor het Junior Songfestival en was hij te zien in een reclamespot voor Verkade, waarvan zijn scène na zijn overlijden werd verwijderd.

Op 21 september 2004 werd Hazes met hoge koorts en benauwdheid opgenomen in het Hofpoort Ziekenhuis in Woerden. Twee dagen later overleed hij aan twee hartinfarcten en een hartstilstand. Zijn laatst opgenomen nummers Vaag en stil, Toe laat me en Sterk wil ik zijn verschenen in 2005 op het album André Hazes - Het complete hitoverzicht.

Afscheid
Op 27 september 2004 woonden ongeveer 48.000 mensen een afscheidsceremonie voor de zanger bij in de Amsterdam ArenA. Hazes had op die plek zijn afscheidsconcert op 23 september 2005 willen geven. Het eerbetoon werd uitgezonden door de TROS en VTM, en trok ongeveer 6 miljoen kijkers, waarvan 1 miljoen uit Vlaanderen.

In aanwezigheid van Hazes' nabestaanden en met zijn kist op de middenstip van het voetbalveld leidde Ajax-stadionspeaker Wim Bohnenn een ceremonie die bestond uit toespraken en optredens van Nederlandse artiesten. Trijntje Oosterhuis zong het lied dat Hazes ooit aan zijn oudste zoontje opdroeg: Kleine jongen. Guus Meeuwis zong Geef mij je angst. René Froger deed zijn aandeel met Hazes' emotionele Bloed, zweet en tranen en Peter Beense en Wolter Kroes zongen het nummer Het is koud zonder jou. Paul de Leeuw hield een emotionele toespraak, die hij beëindigde met een stukje zang van het nummer Droomland, een duet van hem en Hazes. De band Hollywood Boulevard, jarenlang Hazes' vaste begeleiders bij concerten, loste een belofte in die bandleider Jan Buis aan Hazes had gedaan: ze speelden Still got the blues van Gary Moore. Tot de sprekers behoorden burgemeester Job Cohen van Amsterdam, Hazes' idool Johan Cruijff, producers Sjaak en Sjon, schoonvader Jan van Galen en Hazes' zoon Dré jr.

De afscheidsceremonie werd afgesloten door een rondgang van de kist door de Amsterdam ArenA, begeleid door Xander de Buisonjé, die het nummer Zij gelooft in mij bracht. De kist verliet de ArenA door een erehaag van Ajax-supporters van de F-side. Opmerkelijk was dat Hazes van oudsher meer ophad met FC Amsterdam (DWS) en Feyenoord en Ajax pas later in zijn leven een rol ging spelen. Zo maakte Hazes in 1982 speciaal een lied voor FC Amsterdam in het programma Voetbal'80.

De single Zij gelooft in mij werd op 29 september opnieuw uitgebracht en leverde Hazes al in de voorverkoop zijn vijfde nummer 1-hit op. Het was echter wel zijn eerste nummer 1-hit in de Nederlandse Top 40. Eerder stonden Eenzame kerst, Diep in mijn hart, Ik meen 't en Wij houden van Oranje bovenaan in de Nationale Hitparade.

Op 23 september 2005 werd, conform de wens van de zanger, een deel van zijn as met tien vuurpijlen de lucht in geschoten vanaf het strand van Hoek van Holland. Deze gebeurtenis werd opnieuw live uitgezonden door de TROS. Op dezelfde dag werd ook zijn standbeeld onthuld op de Albert Cuypmarkt, in de Albert Cuypstraat, te Amsterdam. Een jaar na het overlijden kwam er een documentaireserie over Hazes op de TROS: Namens André en een boek Typisch André. In 2020 en 2021 werd een standbeeld in de vorm van een LEGO pop van hem geplaatst op de Dam (de versie van 2020 werd vernield).

Postuum
Na zijn overlijden had Hazes grote hits in de Nederlandse hitparades. Na de nummer 1-hit Zij gelooft in mij werden ook Vaag en stil en Wij houden van Oranje top 3-hits. In 2005 zongen de Toppers een André Hazes Medley tijdens Toppers in Concert. Hiermee werd meteen een ode gegeven aan de net overleden volkszanger.

In het voorjaar van 2007 had Hazes opnieuw een nummer 1-hit. Het duet Blijf bij mij met Gerard Joling kwam op nummer 3 binnen in de Nederlandse Top 40 en bleef daarna elf weken op nummer 1 staan. In de Mega Top 50 stond het tien weken op nummer 1; in de Single Top 100 bezette Blijf bij mij twaalf weken de eerste plaats. In deze lijst kwam Blijf bij mij drie keer terug op de hoogste positie.

In oktober 2007 kwam RTL met het televisieprogramma In duet met Hazes, waarin bekende Nederlanders samen met de overleden volkszanger een liedje zongen. Deze veertien duetten verschenen op de cd Samen met Dré, die op 5 november uitkwam. De eerste single van het album was Bedankt mijn vriend, waarop Hazes met zijn zoon André Hazes jr. zingt. De single werd Hazes' derde nummer 1-hit in de Nederlandse hitlijsten. De tweede single was het opnieuw uitgebrachte Donker om je heen, die hij samen met zanger Wolter Kroes zong. Op 26 mei 2008 was de ArenA het toneel van het meezingspektakel Samen met Dré in concert.

Bloed, zweet en tranen kende in 2002 een klein commercieel succes, maar het lied is een soort evergreen geworden bij begeleiding van het Nederlands voetbalelftal naar een toernooi. Het werd gedurende het Wereldkampioenschap voetbal 2010 veelvuldig gedraaid. Reden waarom het weer steeg in de Radio 2 Top 2000 van 2010. Ook wordt het lied al jaren gedraaid bij de thuiswedstrijden van Oranje en Ajax.

Van november 2012 t/m januari 2015 was de musical Hij Gelooft in Mij, van Joop van den Ende Theaterproducties, te zien in het DeLaMar Theater te Amsterdam. De musical vertelde het verhaal over de hoge toppen en de diepe dalen van André Hazes. De rol van Hazes werd hierin vertolkt door Martijn Fischer.

Sinds 2013 vindt in de Ziggo Dome in Amsterdam jaarlijks Holland zingt Hazes plaats, een meezingevenement, net als bij Samen met Dré in concert, waarin bekende Nederlandse artiesten hits van Hazes zingen.

Eind maart 2015 ging de film Bloed, Zweet & Tranen in première in de Nederlandse bioscopen. Deze geromantiseerde film ging over het leven van de zanger. De rol van Hazes werd net als in de musical vertolkt door Martijn Fischer.

Op zijn 65e geboortedag in 2016 werd de niet eerder uitgekomen single Op De Schoorsteen Staat Een Foto postuum uitgebracht.

In 2017 stond de volkszanger voor het eerst als hologram op het podium tijdens Holland zingt Hazes. Het zong het nummer Zij gelooft in mij.

In 2020 bracht Roxeanne Hazes het duet Sorry uit, dat zij samen met haar vader zong. In datzelfde jaar werd het wassenbeeld van Hazes onthuld in het wassenbeeldenmuseum Madame Tussauds in Amsterdam.

Op 27 februari 2021 werd eenmalig Een Rondje Hazes georganiseerd, een coronaproof editie van Holland Zingt Hazes. Bij dit livestreamconcert zongen diverse Nederlandse artiesten, ter ere van de zeventigste verjaardag van de volkszanger, zijn liedjes vanuit het Koninklijk Concertgebouw.

In april 2021 kwam AVROTROS met de documentaire Kleine Jongen: het echte leven van André Hazes op de televisie. In een vierdelige reeks wordt, aan de hand van niet eerder vertoond materiaal, het leven van de volkszanger besproken.

In 2022 was het muziekprogramma Hazes Is De Basis te zien op de buis. In het SBS-programma geven verschillende Nederlandse artiesten een eigen draai aan hun favoriete nummer van André Hazes. Zo sloegen onder anderen zanger Tino Martin, rapper Donnie en Kris Kross Amsterdam de handen ineen met hun vernieuwde versie van het nummer Vanavond (Uit m'n bol). De single kreeg veel aandacht van Nederlandse en Belgische radiozenders.

In 2023 ging zijn oudere broer Joop Hazes viraal en scoorde een hit met het nummer Mijn broertje, een nummer dat gaat over André. In het nummer kijkt Hazes terug op zijn jeugd en het leven van zijn jongere broer die hij omschrijft als een echte volksheld. Ook reflecteert hij op de reden dat hij jong uit huis ging - hij wilde niet langer in het gezin blijven waar alles draaide om drank en geld.

Op 10 februari 2024 gingen de deuren open van Brasserie Casa Hazes in het Spaanse Torremolinos. Met het openen van een eigen Hazes-brasserie ging er een langgekoesterde wens van André in vervulling.

Op 29 april 2025 presenteerde Gerard Joling zijn aanstaande single waarop hij wederom een duet zingt met Hazes: I've Been Loving You Too Long van Otis Redding. Hazes zelf bracht het nummer al uit in 1989, Joling voegde zijn vocalen eraan toe. Theo Hazes, de jongere broer van André werd voor de clip ingezet als body double.
 

Koos Alberts

Koos Alberts, pseudoniem van Jacobus Johannes (Koos) Krommenhoek (Amsterdam, 3 februari 1947 – Enschede, 28 september 2018), was een Nederlands zanger van het levenslied.

Biografie
Koos Alberts werd geboren in de Amsterdamse Jordaan. Hij begon zijn artistieke loopbaan als kroeg-, bruiloften- en partijenzanger. Daarnaast kwam hij achtereenvolgens aan de kost als metselaar en als uitbater van een snackbar in Sint Pancras.

Doorbraak
Na een talentenjacht eind 1983 in Casa Rosso kwam Alberts in contact met tekstschrijver Peter de Wijn en producent Bart van der Post. Hij nam het door De Wijn geschreven Ik verscheurde je foto op, waarmee hij verschillende platenmaatschappijen benaderde. Zijn eerste gesprek was bij Willem van Kooten en kort daarop tekende hij een contract bij CNR van Van Kooten.

Ik verscheurde je foto kwam uit in februari 1984 en werd in eerste instantie vooral in Noord-Holland enthousiast ontvangen door radiopiraten. Pas nadat de tweede single Gisteren heeft zij mij verlaten werd uitgebracht, kreeg ook Ik verscheurde je foto meer landelijke aandacht. Eind november 1984 stonden beide nummers in de Nederlandse hitlijsten, waarop de platenmaatschappij snel een derde single uitbracht; Waarom ben ik met Kerstmis zo alleen? Dit leidde tot de unieke situatie dat Alberts met drie nummers in de top 10 van de Nationale Hitparade was vertegenwoordigd. Het leverde hem een vermelding in het Guinness Book of Records op. Hij verkocht zijn snackbar en stortte zich vol op een carrière als zanger.

Eind 1986 bracht Alberts twee albums in één jaar uit: Koos Alberts III en Kerst met Koos. In datzelfde jaar maakte hij samen met André Hazes een muziekspecial bij Veronica. De twee Amsterdamse volkszangers zongen ook nog twee duetten. Ook nam Alberts een LP op met Corry Konings. Samen traden ze veel op en scoorden meerdere hits, zoals met het nummer Ik wil altijd bij jou zijn.

Ongeluk
Alberts wist het succes schijnbaar moeiteloos voort te zetten, totdat op 29 oktober 1987 een auto-ongeluk een dramatische wending aan zijn leven gaf. Terugkerend van een optreden viel hij die nacht achter het stuur in slaap. Zijn auto vloog uit de bocht en de gevolgen waren zeer ernstig. Hij werd zelfs enige tijd klinisch dood verklaard. Sindsdien was zijn onderlichaam door een dwarslaesie verlamd en had hij nog maar één functionerende stemband. Na revalidatie in Het Roessingh in Enschede was hij vanaf dat moment op een rolstoel aangewezen.

De opnames voor zijn nieuwe album waren voor het ongeluk al afgerond en in 1988 was de plaat een enorm succes. Met de single Eenmaal kom jij terug (een Nederlandstalige versie van Don Gibsons I can't stop loving you) wist hij het succes van Ik verscheurde je foto te evenaren.

Comeback
Tegen alle verwachtingen in keerde Alberts een jaar later al weer terug in het artiestenvak. Zijn stem had onder het ongeluk geleden, maar de vechtlust van Alberts dwong respect af. In 1988 kwam hij met een comeback-elpee: Het leven gaat door. Het nummer haalde de top 10 en werd bekroond met een gouden en platina plaat. In totaal werden er 180.000 exemplaren verkocht. De single Eenmaal kom jij terug behaalde de tweede plaats in de top 40 en ook Zijn 't je ogen werd een regelrechte hit. Tevens werd hij tijdens de Veronica Awards uitgeroepen tot de populairste Nederlandse artiest.

In 1989 was Alberts weer als zanger op de televisie te zien. In 1990 maakte hij een succesvolle tournee door Nederland. De tournee werd afgesloten met een concert in het Koninklijk Concertgebouw in Amsterdam. In 1991 kwam zijn negende album, Zolang je van geluk kunt dromen, uit. Hoewel zijn latere nummers minder goed werden verkocht, bleef hij een van Nederlands populairste volkszangers. In 1991 verscheen zijn biografie Vechten voor geluk, geschreven door Edward van Liemt.

In 2000 trad hij voor het eerst op bij het festival Lowlands. In dit jaar werd Alberts ook benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Een jaar later speelde hij in een reclamespot van verzekeraar Achmea, waarin te zien is hoe Alberts thuis zit en plotseling opstaat als de telefoon gaat. De vergoeding die hij hiervoor ontving, 45.000 euro, schonk hij aan de kliniek die onderzoek doet naar dwarslaesie.

In 2003 vierde Alberts zijn twintigjarig jubileum als artiest, en trad hij voor de tweede keer op bij Lowlands. In 2004 kreeg hij uit handen van Chiel Montagne een prijs voor de verkoop van meer dan 1 miljoen cd's.

Sinds april 2006 was Alberts ambassadeur van het Dwarslaesie Fonds, dat als doel heeft wetenschappelijk onderzoek naar dwarslaesies en de complicaties ervan te stimuleren en zodoende de medische zorg voor mensen met een dwarslaesie te verbeteren. In maart 2007 kreeg hij een plek in de Walk of Fame van Rotterdam.

Op 12 september 2008 werd bij de TROS een documentaire over het leven van Alberts uitgezonden.

In 2012 was Alberts deelnemer aan het derde seizoen van het programma Ali B op volle toeren van de TROS. Hij was gekoppeld aan rapper Nino. Nino, met ondersteuning van Ali B en Brownie Dutch, maakte een remake van Ik verscheurde je foto. Alberts maakte op zijn beurt een remake van Nino's Lucifer; deze nieuwe versie herdoopte hij tot Wat geweest is, telt niet meer.

In 2014 vierde Alberts zijn dertigjarig jubileum met een groot concert in het Hardersplaza in Harderwijk. Daarnaast bracht hij het verzamelalbum 30 jaar Koos Alberts - Die mooie tijd uit, met daarop het duet Die mooie tijd met Corry Konings.

In 2015 ontving hij in zijn woonplaats Hierden een eigen bronzen borstbeeld. De onthulling van het beeld was ook de start van de Koos Alberts Awards, een jaarlijkse muziekprijs die in het teken staat van het levenslied. Op 25, 26 en 27 mei 2018 was Alberts gastartiest tijdens de concerten van De Toppers in de Johan Cruijff ArenA.

Ziekte en overlijden
In de zomer 2018 werd er blaaskanker bij Alberts geconstateerd. Eind augustus 2018 werd hij hiervoor geopereerd in het Medisch Spectrum Twente in Enschede. Bij deze operatie werd zijn blaas verwijderd. Vanwege complicaties werd hij op 6 september opnieuw geopereerd. Op 28 september 2018 overleed hij in het ziekenhuis op 71-jarige leeftijd. Op 1 oktober werd Alberts postuum onderscheiden met de Helden Oeuvreprijs tijdens de uitreiking van de Buma NL Awards. De organisatie liet weten dat die beslissing al voor zijn dood was genomen, omdat hij heel veel heeft betekend voor de Nederlandstalige muziek.

Op 4 oktober konden alle fans en betrokkenen afscheid van Alberts nemen bij Crematorium Amersfoort in Leusden. Een dag later werd hij in besloten kring herdacht en gecremeerd.

Frans Bauer

François (Frans) Bauer, geboren als François van Dooren (Roosendaal, 30 december 1973), is een Nederlandse volkszanger en presentator, die vanaf de jaren negentig populair werd met zijn eigentijdse vorm van het levenslied. Hij geldt als een van de succesvolste artiesten van Nederland, maar is ook populair in Vlaanderen. Bauer onderscheidt zich door zijn herkenbare stem en met zijn typische levenslied-nummers. In 1995 ontving Bauer van Conamus de Zilveren Harp, de prijs voor veelbelovende Nederlandse artiesten.

Tot zijn grootste hits behoren Als sterren aan de hemel staan (1994), De regenboog (1997), Heb je even voor mij (2003) en Als ik met jou op wolken zweef (2008). Als televisiepresentator is hij vooral bekend van programma's als Bananasplit, Vive la Frans en Bauer's Zigeunernacht.

Biografie
Frans Bauer werd geboren als François van Dooren, genoemd naar zijn moeder Wies van Dooren, omdat zijn ouders toen nog niet waren getrouwd. Zijn vader was Chris Bauer (1944-2015). Frans groeide op in een katholiek gezin en bracht zijn jeugd door in een woonwagen. Vanaf jeugdige leeftijd was Bauer vastbesloten zanger te worden. Zijn grote idolen zijn Julio Iglesias, Elvis Presley en Koos Alberts. Door de laatste werd hij tijdens optredens soms op het podium gehaald om Ik verscheurde je foto mee te zingen.

Bauer brak door als zanger met het nummer Als sterren aan de hemel staan (1994) en zou vervolgens uitgroeien tot een succesvol artiest.

Het vermogen van Bauer werd door het blad Quote editie 2012 geschat op 31 miljoen euro. Hij zou daarmee destijds een van de rijkste Nederlanders onder de 40 jaar zijn geweest. Het meeste geld verdiende hij met zijn real-lifesoap en de concerten in Ahoy. In 2004 werd Bauer, onder meer vanwege zijn liefdadigheidswerk, benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Op 9 mei 2008 huwde Bauer met zijn vriendin Mariska Bauer-van Rossenberg. Samen hebben ze vier zonen. Christiaan Bauer, de oudste zoon van Bauer, heeft zijn eerste nummer onder de naam Chris Bauer op 14 juni 2024 gelanceerd, genaamd 'Vlinders'

Zangcarrière

Begin
Bauers eigen zangcarrière kreeg vorm in 1987, toen hij onder de hoede van producers Riny Schreijenberg en Emile Hartkamp zijn eerste single Ben je jong opnam. Eerste landelijke bekendheid kreeg hij door het televisieprogramma All you need is love (februari 1992), waarin hij mocht kiezen uit twee vrouwelijke fans om een avondje mee te gaan stappen (een vooropgezet plan om hiermee bekendheid te genereren).

Doorbraak
Het televisieoptreden zorgde voor naamsbekendheid, maar het duurde, mede door onwil van nationale radiozenders om zijn muziek te draaien[bron?], nog tot 1994 voor Bauer met Als sterren aan de hemel staan zijn eerste hit scoorde. Met het Duitstalige schlageralbum Weil Ich Dich Liebe veroverde Bauer in 1997 ook de Duitse markt. De regenboog, een duet met Marianne Weber, was in datzelfde jaar in Nederland een nummer 1-hit. Het jaar 1997 eindigde voor Bauer echter in mineur; twee leden van zijn begeleidingsband kwamen, terugkerend van een optreden, bij een verkeersongeval om het leven. In maart 1998 gaf Bauer zijn eerste reeks concerten in Ahoy Rotterdam. Platenmaatschappijen hadden miljoenen over voor een contract. In 2003 was de realitysoap De Bauers over het gezinsleven van Bauer en zijn vrouw Mariska een veelbekeken televisieprogramma. Het programma won de Gouden Televizier-Ring 2004. De titelsong van de serie, Heb je even voor mij, groeide uit tot een nummer één hit. Het was de eerste solosingle van Frans Bauer die dubbelplatina werd en waarmee hij de nummer één positie behaalde. In totaal stond de single dertien weken lang op nummer een in de Top 100.

In februari 2004 won Bauer een Gouden Harp; een maand later gevolgd door een Edison. Tevens werd hij tijdens het Edison Gala uitgeroepen tot Beste Zanger Nationaal. Het nieuwe studioalbum, getiteld Daar Heb Je Vrienden Voor, en de DVD Live In Ahoy 2003 bereikten beide de gouden status (40.000 verkochte exemplaren).

Op 27 november verscheen het eerste kerstalbum van Frans Bauer, getiteld Kerst met Frans Bauer. Op dit bijzondere kerstalbum is een aantal bekende liedjes in een nieuw jasje gestoken en voorzien van een nieuwe Nederlandse tekst. Het merendeel van het album bestaat echter uit nieuwe nummers uit de pen van Emile Hartkamp, Frans’ vaste liedjesschrijver en producer.

In het najaar van 2007 ging de zevende theatertournee van Bauer van start, met zo’n 85 uitverkochte concerten. Tevens gaf Bauer in december een viertal stadionconcerten in het GelreDome. GelreDome was op dat moment het grootste theater waarin Bauer heeft opgetreden.

Verdere successen
In februari 2005 gaf Bauer vier concerten in een uitverkocht Sportpaleis in Antwerpen. Daarnaast ging de succesvolle serie De Bauers in Vlaanderen van start en groeide uit tot het best bekeken programma in België.

Voor december 2006 stonden een vijftiental concerten in Ahoy gepland, die echter uitgesteld moesten worden. Reden hiervoor was de vondst van een poliep op zijn stembanden, waaraan Bauer geopereerd moest worden. De uitgestelde concerten hebben in april en mei 2007 plaatsgevonden.

Op 12 april 2007 verscheen zijn biografie Frans Bauer, geschreven door Louis Bovée, met daarin drie hoofdthema's: de liefde, het geluk en het verdriet (en toch weer geluk). Tevens bereikte de single Kom dans met mij de nummer één positie in de Vlaamse hitlijst. Het was een duet met de zangeres Laura Lynn.

Op 10 oktober 2007 werd het lied Mijn vaderland verkozen tot het favoriete nieuwe volkslied. Dit gebeurde in een programma van de VPRO. In december 2007 gaf Bauer een serie van achttien concerten in Ahoy Rotterdam, waaronder drie speciale kerstconcerten. In januari 2008 stond hij opnieuw in het Antwerpse Sportpaleis.

In 2008 maakte Bauer zijn comeback in Duitsland met zijn album Schön war die Zeit en een tv-optreden in Das Herbstfest der Volksmusik.

In het najaar van 2008 besloten Bauer en Marianne Weber na tien jaar opnieuw een samenwerking aan te gaan. Met de nieuwe single Als ik met jou op wolken zweef behaalden ze de nummer één positie en stonden zij wekenlang in de top 10 van de Nederlandse hitlijsten. Het succes werd bekroond door een platinastatus van het album Frans Bauer & Marianne Weber. Tevens gaven ze in december 2008 een reeks eenmalige concerten in Ahoy.

In het najaar van 2009 startte de tournee Frans Bauer Live In Concert VIII. In 2011 stond Bauer wederom in Ahoy met een reeks uitverkochte concerten. Tevens vond dat jaar de release plaats van de nieuwe album Gloednieuw, waarvan het nummer Mijn hart gaat zo tekeer meteen op nummer 1 stond. In 2010 en 2014 stond Bauer vier avonden in de ArenA. Tijdens Toppers in concert 2022 waren dat drie avonden.

Na 2014 kwam Bauer steeds vaker met nummers vol jolige teksten onder een carnavaleske beat, zoals Skippybal en Ratatadadada, in de hoop een breed publiek te scoren. In 2016 keerde hij met zijn nieuwe album Geluk, Hoop & Liefde terug naar zijn muzikale roots. In oktober 2017 won hij een BUMA NL Award voor het album. In 2018 bracht hij opnieuw een puur levensliedalbum uit, dat toepasselijk Levenslied heet.
 

Willeke Alberti

Willeke Alberti, eigenlijke naam Willy Albertina Verbrugge (Amsterdam, 3 februari 1945), is een Nederlands zangeres en actrice. Ze is de dochter van Carel Verbrugge, beter bekend als de zanger Willy Alberti.

Biografie

Alberti werd geboren als oudste kind van zanger Willy Alberti (1926-1985) en Hendrika Geertruida (Ria) Kuiper (1921-2011). Ze groeide op in het naoorlogse Amsterdam, maar bracht ook een groot deel van haar jeugd door bij haar grootouders in Arnhem.

Carrière
Op 11-jarige leeftijd debuteerde Alberti in de musical Duel om Barbara. Haar eerste plaatje dateert uit 1958: Zeg pappie ik wilde u vragen. Alberti zong daarop een duet met haar vader. In 1963 verscheen haar eerste hit: Spiegelbeeld, goed voor een gouden plaat. Dit nummer werd door Gerrit den Braber bewerkt uit Tes tendres années, dat oorspronkelijk werd gezongen door de Amerikaanse zanger George Jones als Tender Years; Johnny Hallyday had er een hit mee in Frankrijk als Tes tendres années. In de jaren zestig was Alberti vooral bekend als zangeres. Ze had hits als Mijn dagboek en De winter was lang. Het laatstgenoemde liedje stond één week op nummer 1, in juni 1964. Morgen ben ik de bruid, uit 1965, kan autobiografisch genoemd worden.

Van 1965 tot 1969 had zij samen met haar vader een eigen maandelijkse televisieshow Willy en Willeke bij de AVRO. Dit programma was zeer succesvol.

In 1970 speelde Alberti de hoofdrol in de televisieserie De kleine waarheid, een succesvolle Nederlandse productie van regisseur Willy van Hemert. Zij speelde ook een hoofdrol in de film Oom Ferdinand en de toverdrank en de titelrol in de speelfilm Rooie Sien (1975). Daarin zingt ze onder andere Telkens weer.

Nadat zij een aantal jaren uit de schijnwerpers was geweest, keerde Alberti in 1987 terug, en opnieuw werden haar platen met goud bekroond. Een hit uit deze tijd is Samen zijn, een liedje uit de kinderserie Pompy de Robodoll. Ook verscheen Alberti weer op televisie en had zij een eigen theaterprogramma. Alberti werkte samen met onder anderen Paul de Leeuw, André van Duin en Jos Brink. Alberti deed in 1994 mee met het Eurovisiesongfestival, met het lied Waar is de zon. Ze eindigde zo laag, dat Nederland het jaar daarop alleen mocht toekijken.


Alberti richtte in 2001 de Willeke Alberti Foundation op, een stichting die activiteiten organiseert voor mensen in verpleeg- en verzorgingshuizen. In 2004 speelde ze een gastrol in de VPRO-televisieserie De Troubabroers. In 2004-2005 toerde ze met Jos Brink in de musical Hello Dolly door Vlaanderen en Nederland en in hetzelfde jaar kreeg ze de Radio 2-zendprijs uitgereikt in theater Carré.

In 2008 speelde Alberti een gastrol in Goede tijden, slechte tijden; tussen 26 mei en 7 november was ze te zien als Josephine van Wickenrode, de moeder van Floris van Wickenrode en de oma van Vicky Pouw. Daarnaast was Alberti sinds het najaar van 2010 te horen als de stem van Tante Perenboom uit de animatieserie Woezel en Pip. Ook verzorgde ze de stem van dat personage in de film Woezel en Pip: Op zoek naar de Sloddervos!. Ali B nodigde Alberti in 2011 uit voor zijn televisieprogramma Ali B op volle toeren. Daarin werd ze gekoppeld aan rapper Kleine Viezerik en beide artiesten maakten op hun eigen manier een variatie van een nummer van de ander. Verder speelde Alberti onder meer de rol van Lucy in de speelfilm Alles is familie (2012) en vertolkte ze van 2012 tot 2014 de rol van Na Druppel in het toneelstuk De Jantjes. Alberti vierde in februari 2015 haar zestigjarig artiestenjubileum en haar zeventigste verjaardag in Koninklijk Theater Carré. In datzelfde jaar stond ze vijf avonden in de Amsterdam ArenA tijdens de concerten van De Toppers. In 2016 deed ze mee aan het televisieprogramma De beste zangers van Nederland. In dat jaar werd zij ook uitgeroepen tot ambassadeur van het Nederlandse levenslied. Voor theaterseizoen 2020/2021 vierde zij haar 75-jarige verjaardag met de jubileumtour De show van mijn leven.

Corry Konings

!Cornelia Helena (Corry) Konings (Breda, 8 september 1951) is een Nederlandse zangeres van het levenslied. Ze wordt ook wel de koningin van het Nederlandse levenslied genoemd.

Biografie
Op 15-jarige leeftijd zong Konings als zangeres van De Mooks. Ze werd ontdekt door Ries Brouwers, die haar voorstelde aan Pierre Kartner. Deze koppelde haar vervolgens aan de band De Rekels. Als Corry en de Rekels maakten zij vooral furore met het lied Huilen is voor jou te laat uit 1970. Dit nummer was tot 2013 (43 jaar lang) de grootste Nederlandstalige hit in de Top 40 aller tijden. Twee jaar later startte Konings een solocarrière, waarin ze scoorde met nummers als Ik krijg een heel apart gevoel van binnen, Jij weet toch wel wat liefde is, Hoe je heette dat ben ik vergeten, Je moedertje en Adios amor. In 2004 kwam Konings nog eenmaal met De Rekels bij elkaar voor een reünie.

In mei 2007 liet Konings in de regionale krant de Gelderlander weten dat ze eraan dacht om in 2009 afscheid te nemen als zangeres. Het zou dan precies 40 jaar geleden zijn dat ze voor het eerst in de hitparade stond. In maart 2008 meldde Konings dat ze haar jubileum groots wilde vieren met een concert in het NAC-stadion in haar geboortestad Breda. Deze plannen bleken financieel echter niet haalbaar, waarna de zangeres haar jubileum vierde op 19 juli 2009 op het Chasséveld in Breda.

Vanwege haar artiestenjubileum werd bedacht dat Konings in 2009 een eigen achtdelige reallifesoap zou krijgen.

In 2011 baarde Konings opzien door de titelsong voor de film New Kids Nitro te maken. Het nummer heette Hoeren Neuken Nooit Meer Werken. Nadat de single een succes werd, verscheen er al gauw een Duitse versie, getiteld Huren Bumsen Nie Mehr Schuften.

Het nummer Huilen is voor jou te laat uit 1970 stond vier decennia lang in de top 10 van meest succesvolle hits uit de Nederlandse Top 40. In 2011 werd het lied ingehaald door Rolling in the Deep van Adele en Happiness van Alexis Jordan, en viel het buiten de top 10. Inmiddels is het lied nog verder weggezakt, en is het ook niet meer de grootste Nederlandstalige hit uit de geschiedenis. Dit is nu Ik neem je mee van Gers Pardoel.

Konings heeft ook een kleine filmrol op haar naam staan: In 1974 speelde ze zichzelf in de film De vijf van de vierdaagse. Ze trad op tijdens een Vierdaagse-feest, waar enkele van de hoofdpersonen uit het verhaal naartoe gaan. Ze zong het speciaal voor de film door Pierre Kartner geschreven lied Breng mij nog eenmaal naar huis. Later had ze nog een paar regeltjes tekst in een onderonsje met John Kraaijkamp (Ome Dirk).

In augustus 2018 deed Konings mee aan het negentiende seizoen van het televisieprogramma Expeditie Robinson, wat veel nieuwe boekingen en mediaoptredens tot gevolg had. Op 28 oktober 2018 was Konings te gast in Zondag met Lubach waar ze ook optrad. In 2024 was ze te zien als dragqueen in het televisieprogramma Make Up Your Mind.

Op 10 juni 2026 kreeg Konings uit handen van Bram Krikke een Gouden Award voor haar hit Ik krijg een heel apart gevoel van binnen voor meer dan 10 miljoen streams.
 

De artiesten 3

Hier vindt u een overzicht van de artiesten die belangrijk zijn geweest of nog steeds zijn binnen het muziekgenre levenslied

Marianne Weber

Marianne Weber (Utrecht, 5 december 1955) is een Nederlands zangeres van het levenslied. Ze is bekend in Nederland en Vlaanderen.

Biografie
Als kind was ze een groot fan van de Zangeres zonder Naam. Weber vormde aan het begin van de jaren negentig met Jan Verhoeven het Holland Duo. Ze brachten drie albums uit, waarvan de derde bekroond werd met een gouden plaat. Ze ging solo verder en in 1992 scoorde ze haar eerste hit met Ik weet dat er een ander is. Een andere hit uit die beginperiode was Schrijf me nooit geen mooie brieven meer.

Na enkele relatief goed verkopende albums nam Weber in 1997 een cd op met Frans Bauer. Het werd haar grootste succes tot dan toe; van de cd werden 300.000 exemplaren verkocht. De uitgebrachte single De regenboog werd voor beiden de eerste nummer 1-hit in de Nederlandse Top 40. In 2000 namen Weber en Bauer nogmaals een duettenalbum op (Wat ik zou willen), en in 2001 volgde een kerstalbum.

Sindsdien scoorde Weber nog regelmatig hits, met liedjes als De Italiaan, 'n Meisje huilt en Sneeuwwitte vredesduif, dat werd geproduceerd door Emile Hartkamp. In de zomer van 2007 stond haar album Tranen van geluk op de eerste plaats in de albumcharts.

Op 5 september 2008 was bij de TROS de eerste aflevering te zien van de reallifesoap Frans & Marianne. Hierin was de hernieuwde samenwerking tussen Bauer en Weber te zien. In december 2008 gaf het duo een eenmalige reeks concerten in Ahoy.

In juli 2021 hintte ze naar een afscheid als zangeres. Anderhalf jaar later, in november 2022, kondigde ze haar afscheid als zangeres aan.

Jan Smit

Johannes Hendricus Maria (Jan) Smit (Volendam, 31 december 1985) is een Nederlands zanger, presentator, componist, tekstschrijver, acteur en bestuurder.

Smit is een Nederlandse zanger. Buiten zijn eigen land is hij ook succesvol in België, Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. Van 2015 tot en met 2018 maakte hij deel uit van het schlagertrio KLUBBB3, en sinds 2017 maakt hij deel uit van De Toppers.

Als presentator is hij vooral bekend van programma's als de Beste Zangers, Sterren Muziekfeest op het plein, Het Nationaal Songfestival en het Gouden Televizier-Ring Gala.

Sinds 2011 is hij zeer betrokken bij het Eurovisiesongfestival, zo maakt Smit onder andere deel uit van de Nederlandse selectiecommissie en de vakjury. Daarnaast verzorgt hij het Nederlandse commentaar namens de AVROTROS, behalve toen hij in 2021 het festival presenteerde. Dit jaar werd daarom overgenomen door Sander Lantinga. Van 1 juli 2022 tot en met 30 november 2023 was hij voorzitter van FC Volendam.

Carrière
1996: Volendams jongenskoor
Jantje Smit zong vier jaar bij het Volendammer jongenskoor De zangertjes van Volendam. Hij werd op tienjarige leeftijd ontdekt, toen de Volendamse band BZN een duet op wilde nemen met jong plaatselijk talent en zangeres Carola Smit. Jantje werd hiervoor uitgekozen en het nummer Mama werd vervolgens een groot succes.

1997–2004: Internationaal succes als Jantje Smit
De reacties op het duet waren overweldigend. Naar aanleiding hiervan mocht hij een solosingle opnemen, geproduceerd door drie BZN-leden. Dit werd de single Ik zing dit lied voor jou alleen, die op nummer 1 binnenkwam in de Nederlandse hitparades. Dit was in de geschiedenis van de Nederlandse Top 40 nog nooit eerder voorgekomen. In de twee volgende jaren behaalde hij nog vijf hits, waaronder Pappie, waar blijf je nou. Alle nummers werden geschreven door de BZN-leden Jan Keizer, Jack Veerman en Jan Tuijp.

Buiten Nederland was Smit ook succesvol in België, Duitsland, Oostenrijk, Italië en Frankrijk. Hij trad enige tijd op in Duitsland vanwege de ruimere arbeidstijdenwetgeving: in Nederland mogen kinderen bij wet slechts enkele malen per jaar optreden. In Duitsland bracht hij tien Duitstalige albums uit. In 2001 ontving Smit met BZN en zijn producers de Exportprijs, als bestverkopende Nederlandse artiest in het buitenland.

2005–2007: Gewoon Jan Smit
Sinds 2005 voer Jantje een nieuwe koers met nieuwe liedjesschrijvers, zelfgeschreven nummers en een nieuwe naam: Jan Smit. Daarnaast is het dagelijks leven van Smit te volgen in de realitysoap Gewoon Jan Smit. Dit programma werd later dat jaar bekroond met de Gouden Televizier-Ring.

Ook verschoof Smit langzaam het accent van zang naar presentatie. Voor de TROS presenteerde hij het programma Muziekfeest op het Plein.

De populariteit van Smit steeg enorm en hij behaalde hit na hit, te beginnen met Als de nacht verdwijnt en Laura, die de eerste plaats van de Single Top 100 behaalde.

Op 15 maart 2006 kreeg Jan Smit de Edison Award uitgereikt in de Amsterdamse Melkweg als Beste Zanger Nationaal voor zijn album Jansmit.com.

Op 8 september 2006 startte een tweede serie van Gewoon Jan Smit. In deze reeks werd meer dan in de eerste reeks aandacht aan de omgeving van de zanger besteed.

In 2006 had Jan Smit zijn derde en vierde nummer 1-hit in de Nederlandse hitparades. Als de morgen is gekomen stond in september 6 weken op 1 en in december bereikte ook Cupido de eerste plaats.

Vanaf september 2006 heeft winkelketen C&A een kledinglijn in het assortiment opgenomen die genoemd is naar Jan Smit. De collectie heet J-style. Smit heeft zijn persoonlijke voorkeur aangegeven, op basis van dat advies heeft C&A kleding gemaakt.

In 2007 had Smit een vijfde nummer 1-hit: Op weg naar geluk. Vanaf eind september 2007 was Smit weer op televisie met een realitysoap, Jan Smit, de zomer voorbij.

In het najaar van 2007 verscheen er een nieuwe single van Jan Smit, Dan volg je haar benen. De single bereikte in november de eerste plaats in de hitlijsten en was voor Smit zijn zesde nummer 1-hit in Nederland. Op de single staat tevens Calypso, een duet met de Amerikaanse zanger John Denver. In 2008 begon Smit vervolgens aan een grote tournee door Nederland genaamd Jan Smit komt naar je toe.

2007: Stemproblemen
Medio oktober werd bekendgemaakt dat Smit tot eind november zijn stem niet meer mocht gebruiken. Er was een knobbeltje op zijn stembanden gevonden. Alle optredens werden tot 29 november afgezegd. Hierdoor miste Smit optredens bij Symphonica in Rosso en de TMF Awards, maar mocht hier wel de prijs voor beste Nederlandse popact ophalen. Vanaf november van dat jaar kon Smit wegens een operatie een half jaar niet meer zingen. Presentatiewerk voor de TROS en zijn nieuwe album moesten daardoor wachten. De tournee Jan Smit komt naar je toe werd ook verschoven. In november 2007 werd voor de operatie een eenmalig televisieprogramma over Smits stemproblemen uitgezonden.

Na acht maanden afwezigheid maakte Smit zijn comeback tijdens het Museumpleinconcert op Koninginnedag 2008.

2008–2015: Het Bombardement en 15-jarig jubileum
Op 14 juli 2008 kwam zijn single Stilte in de storm vanuit het niets op de eerste plaats van de Single Top 100 terecht. Het was zijn zevende nummer 1-notering. In het najaar van 2008 was hij te zien in een nieuw seizoen van Jan Smit, de zomer voorbij en was hij teamcaptain in het programma Te leuk om waar te zijn. Op 8 november 2008 werd Als je lacht zijn 8e nummer 1-hit in Nederland. Op 28 februari 2009 was Je naam in de sterren zijn negende hit die op nummer 1 in de Single Top 100 binnenkwam.

Waar het in Nederland alleen maar beter lijkt te gaan, loopt het succes in Duitsland juist terug. De reden ligt volgens Smit aan het feit dat men in Duitsland "echte schlagers of popmuziek" wil horen en Smit daar tussenin zit "en dat slaat niet aan". Inmiddels is Smit daar ook gestopt met het presenteren van televisieprogramma's. In juli 2009 verscheen er een duet met de Surinaamse zanger Damaru, Mi rowsu (Tuintje in mijn hart), uitgebracht voor SOS Kinderdorpen, dat zowel in Suriname als in Nederland de nummer 1-positie bereikte.

Op 3 september 2009 presenteerde Smit voor de TROS de eerste aflevering van het programma Ik weet wat jij deed. Daarnaast begon op 20 september 2009 het 3de seizoen van Jan Smit, de zomer voorbij, dit keer werd de serie in Italië opgenomen. Leef nu het kan kwam op 6 maart 2010 nieuw binnen op de eerste plaats van de hitlijst. Smit is na The Beatles en Marco Borsato de artiest die in Nederland het langst op nr. 1 heeft gestaan in de geschiedenis van de wekelijkse hitparade (1960-heden). Smit werd in april 2010 gekozen tot Nederlandse mascotte voor Amarula. Hij loste hiermee Frans Bauer af, die in 2009 tot mascotte gekozen werd. De single Terug in de tijd van zijn album Leef, kwam op 19 juni 2010 de hitparade binnen en bereikte een week later op de 2e plaats zijn hoogste positie. De opvolger Zie wel hoe ik thuiskom kwam op 25 september 2010 op de eerste positie in de mega single top 100 binnen. Op 15 januari 2011 stond Niemand zo trots als wij eveneens in de eerste week op nummer 1. Op 30 september 2011 verscheen Hou je dan nog steeds van mij als single en een maand later de verzamelaar 15 jaar hits. Na een week bereikte Smit opnieuw de hoogste positie van de Top 100 met de single. In het RTL-4-programma Koffietijd ontving hij op deze dag een gouden plaat voor de verkoop van 10.000 exemplaren. Ongeveer tegelijkertijd bracht Eddy Veerman een biografie uit, getiteld Het geheim van de Smit.

Van 2011 t/m 2023 was hij samen met Cornald Maas commentator voor het Eurovisiesongfestival namens de AVROTROS, m.u.v. 2021. Toen presenteerde hij zelf het festival en werd hij vervangen door Sander Lantinga. In januari 2024 besloot hij om te stoppen omdat hij dat jaar als radio-dj aan de slag ging bij Sterren NL Radio. Dit kon hij niet combineren met zijn rol als commentator voor het Eurovisiesongfestival. Hij werd opgevolgd door Krezip-zangeres Jacqueline Govaert.

In 2012 werd het vijftienjarig jubileum van Jan Smit groots gevierd. In augustus verscheen het album Vrienden, dat bekroond werd met een platina plaat. Ook had Jan drie nummer één hits in 2012: 1. Echte Vrienden, zijn duet met Gerard Joling, 2. het nummer Altijd Daar en 3. Sla Je Armen Om Me Heen (met Roos van Erkel). In oktober 2012 vierde Jan zijn vijftienjarig jubileum met een vijftal concerten in Ahoy Rotterdam m.m.v. Gerard Joling, Yes-R, Carola Smit en Damaru. In 2012 verscheen ook een biografie over het leven van Jan Smit. Eind 2012 speelde hij de hoofdrol in de film Het Bombardement. De film werd al op de dag van de première volledig door critici en bezoekers gekraakt en de grond in geschreven (waarbij Smits acteerdebuut "nog wel de minste zorg van de hele film was"), maar doordat meer dan honderdduizend mensen de film in de bioscoop bezochten werd deze toch bekroond met de gouden filmstatus. Voor de film zong Smit samen met mede hoofdrolspeelster Roos van Erkel het nummer Sla je armen om me heen, dit nummer behaalde de eerste plek in de Nederlandse Single Top 100.

Sinds 2012 presenteert Smit De beste zangers van Nederland m.u.v. seizoen 15 in 2020, dat gepresenteerd werd door Nick & Simon omdat Smit dit seizoen door ziekte niet kon presenteren. In elke aflevering staat één zanger centraal, die voor ieder ander een lied uitgekozen heeft om te zingen. Degene die centraal staat zingt zelf niet, maar beoordeelt de anderen. Op 4 juni 2016 was er een speciale aflevering van het programma, waarbij de hoofdgast niet een van de zangers was, maar Smit zelf. Deze aflevering was een eerbetoon aan Jan Smit omdat hij 20 jaar in z'n vak zat. In 2012 startte hij ook samen met zijn manager Jaap Buijs het platenlabel Vosound Records. Naast Smit zelf zijn aan het label zijn zus Monique Smit, Tim Douwsma en Gerard Joling muzikaal verbonden. In 2012 wordt ook de TrosKompas Oeuvre Award aan hem toegekend.

Eind februari 2013 verscheen de dvd en de dubbel-cd met dvd Live in Ahoy, het Jubileumconcert 2012. Op 17 maart 2013 was Jan na zeven jaren weer op de Duitse televisie te zien. In het ARD-programma Das Frühlingsfest der 100.000 Blüten presenteerde Smit zijn single Bleiben wie du Bist. Na het tv-optreden was de single 48 uur lang gratis te downloaden. Na zes minuten was de site al onbereikbaar. Meer dan zeventig liedjes van Jan Smit kwamen in de Volendammer Top 1000 terecht, een hitlijst die in 2013 werd samengesteld door een groot aantal lokale radio- en televisiestations in Noord-Holland.

In 2014 speelde Smit een bijrol in Flikken Maastricht en presenteerde hij voor het eerst het Gouden Televizier-Ring Gala. In 2016 deed hij de presentatie van die show samen met Art Rooijakkers.

In 2015 overleed Jaap Buijs. Om die reden sloeg Jan dat jaar een seizoen van De zomer voorbij over en werd de presentatie van het Muziekfeest op het plein in Heerenveen (uitgezonden op 14 en 18 augustus) overgenomen door Frans Duijts, aangezien deze aflevering werd opgenomen in de week waarin Jaap Buijs overleed en Jan Smit het niet gepast vond om op een plein vol hossende mensen te staan. In november 2015 verscheen een nieuw kerstalbum van Smit. Het album getiteld Kerst Voor Iedereen bevat acht kerstklassiekers en vier nieuwe kerstnummers.

2016–heden: Solo, groepsverband en Eurovisiesongfestival

2 Kleine Kleutertjes
Vanaf 2014 ontstond "2 Kleine Kleutertjes" naar een idee van Jan Smit. Filmpjes met liedjes voor kleuters. Het album 2 kleine kleutertjes scoorde dubbel platina met een verkoop van meer dan 800.000 exemplaren. Een dvd met puzzelboek scoorde goud. Ook was er een succesvolle theatertour. In 2022 ging de film 2 kleine kleutertjes: Een dag om nooit te vergeten in première, waar hij en z’n dochter Emma een inspreker zijn. Voorafgaand aan de film was er een album met liedjes uitgebracht waarop hij, net als de andere insprekers, een van de zangers is.

Smit heeft eind april 2024 tijdens de opnames van Beste Zangers een YouTube Award gekregen van Claude voor 100 miljoen views voor zijn YouTube-kanaal 2 Kleine Kleutertjes.

Solocarrière
In 2016 zat Jan Smit 20 jaar in het vak. Smit ging vanaf begin september 2016 met zijn nieuwe toer Elfstedentour weer het land in. Op 19 november 2016 stond hij met zijn tournee in de Amsterdamse Heineken Music Hall. In 2017 verscheen het concert Live In HMH op dvd. Het jubileumalbum 20 (2016) werd bekroond met een nummer 1-positie in de Album Top 100. In 2017 zou de presentatie van de Gouden Televizier-Ring Gala, net als in 2016, weer in handen liggen van Smit en Art Rooijakkers, maar de Volendammer trok zich terug omdat hij zelf genomineerd was voor de Televizierring met Beste Zangers. In maart 2018 stond hij voor het eerst in zijn carrière met een soloconcert in het Antwerpse Sportpaleis. Op 20 september 2018 bracht Smit zijn nieuwe album Met andere woorden uit. Voor dit album vroeg hij twaalf bekende collega's uit het vak, zoals Jan Keizer, Barry Hay, Guus Meeuwis, BLØF en Frank Boeijen, om een liedje voor hem te schrijven. Dit hele project werd ondersteund met een theatertournee in Nederland en Vlaanderen.

In 2020 zou Smit samen met Chantal Janzen en Edsilia Rombley het Eurovisiesongfestival 2020 in Rotterdam presenteren. Het festival werd echter vanwege de coronapandemie afgelast. Op 16 mei, de datum waarop de finale van het songfestival zou worden gehouden, werd een alternatieve tv-uitzending uitgezonden: Eurovision: Europe Shine a Light. Hierin werden de 41 geselecteerde artiesten op andere manieren in de schijnwerpers gezet, zonder publiek. Het programma werd in alle deelnemende landen uitgezonden en gepresenteerd door Smit, Janzen en Rombley. In mei 2021 vormde Smit samen met Janzen, Rombley en Nikkie de Jager het presentatiekwartet van het Eurovisiesongfestival 2021 in Rotterdam.

Smit was vanaf 2020 t/m 2021 te zien als coach in het RTL 4-programma The voice of Holland. In april 2022 was Smit te zien als gastpanellid in het RTL 4-programma Make Up Your Mind.

In oktober 2022 verscheen een nieuw studioalbum van Smit, getiteld Boven Jan. Het debuteerde op de eerste plaats van de Album Top 100. De eerste single van het album was Zolang je bij me bent, dat een jaar eerder al werd uitgebracht. Met de single Tussen jou en mij, een duet met Waylon, scoorde Smit in de zomer van 2022 weer een hit.

Smit is op 29 februari 2024 geëerd met de oeuvreprijs van Edison Pop. Een onderscheiding voor zijn muzikale carrière. Hij kreeg die uitgereikt uit handen van zijn zoon Senn.

Smit presenteerde vanaf zaterdag 02-03-2024 de eerste aflevering van het wekelijkse programma Muziekfeest op de radio op NPO Sterren NL Radio.

7 september 2024 ontving Smit een gouden award uit handen van van Marco Schuitmaker voor hun duetsingle ‘Van Goes Tot Purmerend’ voor meer dan 10 miljoen streams!

Op 22 november 2024 verscheen er na 9 jaar weer een kerst-cd van Smit met de titel De Mooiste tijd van 't jaar. Het is Smits derde kerstalbum. Hierop zijn zowel nieuwe als traditionele kerstnummers te horen. Er wordt op deze cd medewerking verleend door Kim-Lian van der Meij en kinderkoor de Zangertjes van Volendam. Op eerste kerstdag 2024 werd van deze cd een muziekspecial uitgezonden op NPO 1 met de titel Jan Smit viert Kerst in Rome.

In juni 2026 werd bekend dat Smit nog lang niet denkt aan stoppen. Hij komt daarmee terug op uitspraken die hij tien jaar geleden deed. De Volendammer stelde toen dat hij op zijn veertigste met pensioen zou gaan.

KLUBBB3
Voor de derde keer probeert Smit op de Duitse markt zijn carrière nieuw leven in te blazen. Dit laatste project van Buijs is dan ook zijn idee toen hij in de zomer 2015 bedacht om met de Duitser Florian Silbereisen en Vlaming Christoff De Bolle op te treden als schlagergroep KLUBBB3. Het debuutalbum Vorsicht unzensiert! bereikte nummers 4 tot 6 in Duitsland, Oostenrijk en Vlaanderen en stond eveneens in Nederland en Zwitserland genoteerd. De debuutsingle Du schaffst das schon bereikte de hitlijsten in enkele landen. De band werd op 10 januari 2016 onderscheiden met de smago! Award, een belangrijke prijs in Duitsland in de schlagermuziek. Op 7 januari 2017 werden ze onderscheiden met de prijs Die Eins der Besten in de categorie Band des Jahres. De prijs werd uitgereikt tijdens de ARD-televisieshow Schlager-Champions - Das große Fest der Besten.[29] Begin 2017 kwamen ze met hun album Jetzt Geht's Richtig Los op nummer 1 binnen in Duitsland, op nummer 2 in Oostenrijk en nummer 3 in Zwitserland. De Nederlandstalige single van KLUBBB3 Het Leven Danst Sirtaki, kwam na het optreden bij RTL Late Night, op nummer 1 in de Single Top 100. In mei 2017 kregen de heren tijdens de Schlagercountdown – Das Große Premierenfest een platina plaat voor hun eerste album Vorsicht Unsensiert en een gouden plaat voor hun tweede album Jetzt Geht’s Richtig Los!. Vanaf maart 2017 ging KLUBBB3 op tournee met Das Grosse Schlagerfest – Die Party des Jahres door Duitsland, Oostenrijk en België.

De Toppers
In 2017 trad Smit toe tot De Toppers. Smit had al wat ervaring met de mannenzanggroep. In 2011 en 2013 stond hij als gastartiest zes avonden in de Johan Cruijff ArenA tijdens Toppers in Concert.

Charlène 

Charlène de Lange (Tilburg, 15 augustus 1986) is een Nederlandse zangeres van het levenslied. Haar artiestennaam is Charlène.

Biografie
Het talent van Charlène werd ontdekt door Marianne Weber. In 2000 presenteerde zij in het televisieprogramma 'Your Big Break' haar eerste single 'De laatste reis'. Later dat jaar verzorgde zij een gastoptreden met Frans Bauer en Marianne Weber. In 2002 bracht zij haar debuutalbum 'Charlène' uit; in 2004 het album 'Zomer in mijn hart'; in 2006 de cd 'Vandaag is mijn dag' met daarop de hitsingle 'Boem, boem, boem'. Deze eerste drie albums werden geproduceerd door Emile Hartkamp. Ze treedt veelvuldig op bij regionale radiostations in Nederland.

Op 22 februari 2008 werd de eerste single van haar album, 'Twiedeliedie', uitgebracht. In maart 2008 verscheen haar vierde album, getiteld 'Hé, Hallo!'.

In maart 2012 bracht Charlène de single 'Als je alles hebt' uit, samen met de Berlicumer volkszanger John de Bever.

Jannes

Jannes Wolters (Emmen, 26 juni 1973) is een Nederlandse zanger van het levenslied. Hij treedt op onder de artiestennaam Jannes en wordt vaak de "Koning der Piraten" genoemd vanwege zijn populariteit op piratenzenders.

Levensloop
Jeugd
Wolters werd geboren in een woonwagenkamp in Emmen en groeide op in Noordscheschut. Hij kwam via zijn muzikale familie op jonge leeftijd in aanraking met muziek.

Carrière
In 1999 bracht Wolters zijn eerste single Ben jij bij me uit. Deze werd in eigen beheer opgenomen en kreeg enige bekendheid via piratenzenders. Kort daarna begon hij een samenwerking met producer en componist Martin Sterken, wat resulteerde in het debuutalbum Bella Bianca. Het tweede album van Wolters, Van Casablanca naar Napoli, betekende zijn landelijke doorbraak. Van dit album werden 30.000 exemplaren verkocht. Het derde album, Met jou kan ik het leven aan, verkocht 15.000 exemplaren.

Wolters trad in 2004 op tijdens het "Concert des Levens", een eerbetoon aan Johnny Hoes. Vanaf dat jaar verscheen ook zijn eigen realitysoap Gewoon Jannes op RTV Oost, die later werd uitgezonden door SBS6.

De albums Als het zonnetje schijnt (2005) en Laat me vrij (2006) werden geproduceerd door Emile Hartkamp. De single Ik kan met jou de hele wereld aan, speciaal geschreven door George Baker, werd uitgebracht in 2005. De single Laat de zon maar schijnen / Zie die ster bereikte in 2007 de eerste plaats in de Single Top 100.

Wolters werd een vaste artiest tijdens het Mega Piraten Festijn, waar hij sinds 2004 regelmatig optreedt en de bijnaam "Koning der Piraten" kreeg. Hij ontving gouden platen voor de albums Van Casablanca naar Napoli en Laat me vrij. Het album Meer dan een vriend, uitgebracht in 2008, was opgedragen aan zijn overleden manager Dick Oosting. Tijdens een uitverkocht concert in Ahoy Rotterdam in 2012 presenteerde Wolters zijn album Op volle kracht. Vier van zijn albums bereikten de eerste plaats in de Album Top 100. In 2017 vierde hij zijn 15-jarig jubileum met een stadionconcert in het GelreDome.

Het nummer Zwevend naar 't geluk werd in 2023 een populair lied tijdens uitvaarten in Nederland en behaalde hoge posities op lijsten van uitvaartmuziek.

Tijdens de viering van Koningsdag 2024 trad Wolters op in Emmen voor de koninklijke familie. Hij zong onder meer zijn nummers Eleonora en Zwevend naar 't geluk.

Wolters stond op 9 en 10 oktober 2025 wederom met concerten in Ahoy Rotterdam. Tijdens het tweede concert werd Wolters benoemd tot ereburger van Emmen.

Op 20 maart 2026 werd bekend dat de singles Adio Amore Adio en Zwevend naar 't Geluk zijn bekroond met goud. Ook werd deze dag bekend dat Jannes in oktober 2026 terug keert naar Ahoy.
 

John de Bever

Johannes Gijsbertus Marinus de Bever (Berlicum, 7 april 1965) is een Nederlands voormalig prof- en zaalvoetballer. Na het beëindigen van zijn spelersloopbaan werd De Bever zanger.

Biografie
In juli 1979 werd De Bever op veertienjarige leeftijd als zanger ontdekt door Pierre Kartner tijdens een optreden op de Nijmeegse Vierdaagse. Het nummer Als ik later eens trouw, dat Kartner voor hem schreef, bereikte in maart 1980 de tipparade. Er volgden nog drie singles en een elpee. Hierna besloot De Bever voorlopig te stoppen met zijn zangcarrière en zich toe te gaan leggen op het voetbal.

Zangcarrière
In 2006 keerde De Bever als zanger weer terug uit de anonimiteit, door het duet Toen kwam jij op te nemen met Anny Schilder. Hij scoorde 32 Single Top 100-hits.

In januari 2011 scoort De Bever een bijzondere dubbele hitnotering in de Single Top 100 met de single Ik heb maling aan wat mensen zeggen en de B-kant Kleine leugenaar die beide individueel een notering opleverden in de Single Top 100.

In 2014 was De Bever een van de vierentwintig kandidaten die meededen aan het derde seizoen van de Nederlandse uitvoering van het tv-spelprogramma Fort Boyard. De Bever is een vaste gast tijdens het Mega Piraten Festijn, waar hij sinds november 2014 optreedt. Sinds 2013 was hij ook regelmatig te zien in het voetbalpraatprogramma Voetbal Inside op RTL 7.

Het album Dat is de liefde, dat hij met Marianne Weber in 2015 opnam, ging meer dan 10.000 keer over de toonbank. Hij maakte ook een voetbalhit met Jan Smit en in 2023 een album met Corry Konings.

In 2015 scoorde hij een hit met het nummer Jij krijgt die lach niet van mijn gezicht, waarmee De Bever uitgroeide tot een cultheld in de Nederlandse amateurvoetbalcultuur. De plaat werd een veel gedraaid nummer in voetbalkantines en -kleedkamers. Op 20 september 2016 kreeg De Bever voor zijn hit een Buma NL Award en een Gouden Award voor de verkoop van meer dan twintigduizend exemplaren. Ook kreeg hij een platina plaat voor de verkoop van tachtigduizend exemplaren. Het nummer werd via YouTube meer dan dertig miljoen keer beluisterd. Een jaar later werd het nummer een anthem voor de voetbalsters van het Nederlands vrouwenvoetbalelftal tijdens het EK Vrouwen 2017 in eigen land. Door het grote succes van de Oranje Leeuwinnen kwam De Bever landelijk in de schijnwerpers, wat vele mediaoptredens van de zanger tot gevolg had. Tevens liet De Bever een speciale voetbaltekst schrijven op het originele nummer. Hij voerde het nummer live uit bij de huldiging van de Leeuwinnen in Utrecht.inmiddels is de lach meer dan vijftig miljoen keer gestreamd wat hem een diamant award opleverde

In november 2016 coverde De Bever de single Daar in dat kleine café aan de haven van Pierre Kartner. In de videoclip is een hoofdrol weggelegd voor zijn ontdekker.

In 2020 ontving Veronica Inside de Gouden RadioRing. Presentator Wilfred Genee had daarvoor flink campagne gevoerd om de prijs te winnen. Zo nam hij samen met De Bever het nummer Jij krijgt die ring niet van mij cadeau op. Dat nummer werd al zo'n 150.000 keer bekeken op YouTube.

In december 2020 bracht De Bever op verzoek van Energiedirect.nl het nummer Kerst wordt altijd weer gevierd uit, tevens uitgebracht in een PSV-versie.

Thomas Berge

Thomas Berge, artiestennaam van Chiel Ottink (Haaksbergen, 25 januari 1990), is een Nederlands zanger.

Biografie
Berge nam op twaalfjarige leeftijd zijn eerste single op. Mijn luchtballon werd als promotie 800.000 keer verkocht en verspreid door Neckermann. Zijn artiestennaam werd bewust gekozen om in de toekomst in navolging van onder andere Heintje en Jan Smit een aandeel in de Duitse muziekwereld te veroveren..

Begin 2007 deed Berge met de Russische kunstschaatsster Nina Oelanova mee met het programma Sterren Dansen op het IJs tot hij op 10 maart 2007 de skate-off van Geert Hoes verloor met 39% van de stemmen. In maart 2007 was hij op Tien te zien bij het muzikale programma Just the Two of Us. Bij de regionale televisiezender RTV Oost kwam er op 2 juni 2007 een nieuw programma, namelijk "Toppers te Paard". Hierin leerden bekende Nederlanders paardrijden. In oktober 2007 nam hij met Junior Songfestivaldeelneemster Tess Gaerthé de single "De stem van mijn hart" op. Dit is de Nederlandse versie van het liedje "You are the music in me" uit High School Musical 2.

Vanaf 11 januari 2008 werd zijn eigen realitysoap op Nederland 1 uitgezonden. Met zijn single "Zonder jou", waarmee hij zijn eerste top tien-hit scoort in de Single Top 100, was hij in de zomer van 2008 te zien in de soap Goede tijden, slechte tijden. Berge bracht in 2008 een dvd uit met een live-registratie van zijn twee uitverkochte concerten in de Heineken Music Hall. Op 6 september 2008 nam Berge samen met Roemjana de Haan deel aan het tweede Eurovisiedansfestival in Glasgow. Ze werden daar uiteindelijk veertiende en laatste met slechts één punt.

In het najaar van 2009 verscheen zijn nieuwe album. In 2009 deed hij mee aan het programma De beste zangers van Nederland waarbij Gordon, Henk Westbroek, Danny de Munk, Albert West, Nick Schilder, Simon Keizer en Thomas Berge een week lang op Ibiza zaten en daar elkaars repertoire zongen. Op 6 augustus 2009 werd bekend dat Berge tijdens zijn vakantie in het Spaanse Salou besmet was geraakt met de Mexicaanse griep.

Berge stond drie keer in de Amsterdam ArenA met De Toppers in Toppers in concert 2010. In 2010 nam Berge deel aan het tweede seizoen van het EO programma De Mattheus Masterclass waarin niet-klassiek geschoolde artiesten een deel van Bachs Matthäuspassion uitvoeren in de St. Vituskerk in Hilversum. In 2011 speelde Berge de rol van Petrus in The Passion 2011. In 2012 nam Berge deel aan het programma: De schat van de Oranje op SBS6.

Berge bracht in oktober 2011 zijn album 1221 uit. Op 26 april 2013 kondigde Berge aan zijn samenwerking met zijn toenmalige manager en platenmaatschappij Johnny Sap/Studio 1 te hebben gestopt. In 2017 was Berge te zien in het RTL 4 programma The Big Music Quiz.

In 2019 was Berge een van de deelnemers van het twintigste seizoen van het RTL 4-programma Expeditie Robinson, hij viel als elfde af en eindigde op de 10e plaats. In 2021 deed hij mee aan het televisieprogramma Onmogelijke duetten. In 2022 was Berge een secret singer in het televisieprogramma Secret Duets. Datzelfde jaar deed hij mee aan Het perfecte plaatje in Argentinië, waarin hij als derde eindigde. In 2023 was Berge te zien in Alles is Muziek. In datzelfde jaar deed hij mee aan het programma Lettrix. In 2024 deed Berge samen met Lex Gaarthuis mee aan de Top 4000 Muziekquiz. In datzelfde jaar deed hij als dragqueen mee aan de oudejaarsspecial van het programma Make Up Your Mind.

Johnny Hoes

Johannes Andreas (Johnny) Hoes (Rotterdam, 19 april 1917 – Weert, 23 juli 2011) was een Nederlandse zanger, producer en componist-tekstschrijver. Zijn plaat "Och, was ik maar bij moeder thuis gebleven" staat met 450.000 exemplaren te boek als de bestverkochte Nederlandstalige single aller tijden.

Johnny Hoes staat wel bekend als De koning van de smartlap en was de man achter duizenden meezingers, smartlappen, carnavalsliedjes en levensliederen. Andere grote hits waren De smokkelaar, Dat is het einde en Friet met mayonaise (1974).

Sinds de jaren 1960 was hij actief in het Limburgse Weert met zijn eigen opnamestudio en platenmaatschappij. Het gebouw met 'Johnny Hoes Beneluxe Music Industries' aan de Uilenweg te Weert bestaat nog, maar er vinden geen werkzaamheden meer plaats. De productiemaatschappij Telstar eindigde, en het gebouw wordt nu gebruikt als beheersmaatschappij.

Hoes woonde sinds 1983 in het Belgische Knokke.

Biografie
Hoes groeide op in Katendrecht als zoon van een Nederlandse zeeman. Zijn moeder was Belgische. Hij volgde de HBS en speelde covers met The Four Dutch Serenaders, waar ook de vader van Joke Bruijs deel van uitmaakte. Bij de Duitse aanval op Nederland in 1940 lag hij als gemobiliseerd sergeant in de buurt van Tungelroy waar hij zijn latere echtgenote leerde kennen. Hij bleef daar gedurende de oorlogsjaren en trad er na de bevrijding in 1944 op voor Amerikaanse militairen.

Hoes speelde eind jaren 1940 in het voorprogramma van Bobbejaan Schoepen. Hij werkte tussen 1952 en 1963 bij Phonogram, maar vanaf 1964 produceerde hij voor zijn eigen platenmaatschappij Telstar. Johnny Hoes bracht behalve als solist (soms als Andy Field) ook met anderen platen uit: De Twee Jantjes, Johnny & Caesarine, Johnny Hoes & Ria Roda, Johnny & Mary en Thomas Berge. Bekende artiesten als De Alpenzusjes, de Zangeres Zonder Naam, De Wilmari's, Eddy Wally, de Heikrekels, Normaal, Doe Maar, the Classics, Henk Wijngaard en the Walkers werden door hem ontdekt en brachten platen uit onder zijn label. Daarnaast was hij de producent van de wereldhit De vogeltjesdans. Sinds 2003 hebben zijn zonen Adri-Jan Hoes en Johnny Hoes junior de leiding over Telstar.

In de jaren zestig en zeventig bracht Hoes een radioprogramma bij de KRO en voor de VARA een eigen televisieshow onder de naam Met een lach en een traan. Hij bleef tot op zeer hoge leeftijd actief; in januari 2011 nam hij zijn laatste plaat op, het lied How do you do in een duet met Stef Ekkel.

In juli 2011 kreeg Hoes een ernstig hartinfarct, waarna hij werd opgenomen in het Catharina-ziekenhuis in Eindhoven. Na een dotterbehandeling werd hij op 22 juli 2011 overgebracht naar het St. Jans Gasthuis in Weert, waar hij een dag later op 94-jarige leeftijd overleed. Honderden mensen brachten hem een laatste groet in de Telstar studio's in Weert. In Heeze is hij gecremeerd.

Pierre Kartner

Petrus Antonius Laurentius (Pierre) Kartner (Elst (Gelderland), 11 april 1935 – Breda, 8 november 2022), artiestennaam Vader Abraham, was een Nederlandse zanger, componist en producer van amusementsliedjes.

Levensloop
Jonge jaren
Kartner werd geboren op het station van Elst, als zoon van een stationschef. Hij had twee broers en een zus en stamde uit een familie van militairen en veldwachters die in de vroege 19e eeuw vanuit Maagdenburg via Roermond en Utrecht in het oosten van Noord-Brabant belandde. Generaties lang woonde de familie in Helenaveen, van waaruit de vader van Pierre naar Elst vertrok.

In augustus 1938 verhuisde het gezin Kartner van Elst naar Breda. Toen Pierre Kartner acht was, won hij zijn eerste talentenjacht. Zijn opleiding voor banketbakker kreeg Pierre op het instituut St. Louis te Oudenbosch aan de Nijverheidsschool St. Jozef. Pierre was enige jaren op het door de broeders geleide internaat. Hij werkte in een chocoladefabriek als chocoladegieter in Hoboken. Tegenover een verslaggever verzon hij jaren later het verhaal dat hij destijds zo arm was dat hij in de fabriek op zijn overall warme chocolade morste om het thuis als broodbeleg te gebruiken. Verder werkte hij als banketbakker en baatte hij een frietkraam uit.

Jaren zestig
In de jaren zestig deed Kartner ervaring op als artiest in het trio The Headlines, later The Lettersets genoemd, met onder meer Dimitri van Toren en Jaap Goedèl. Na het uiteenvallen van die groep was Pierre een tijdje plugger voor platenmaatschappij Negram. Vervolgens werkte hij vanaf omstreeks 1967 voor die maatschappij als producer.

Als Lord Wanhoop nam hij een aantal "schuine" en dubbelzinnige liedjes op zoals Kruidendokter, Lily Marleen, Tonia en In het bad met Violetta (refrein: "Niet te heet, niet te koud"). Ook onder namen als Pierre, The Headlines, The Lettersets, Het Rood-Wit-Blauw Trio, De Aardmannetjes, Los Vastos, Pierre en zijn Pietjes, Nol en Marie, De Uilen, Duo Venus & Penis en Duo X (samen met Annie de Reuver) produceerde hij talloze platen voor het Dureco- en Elf Provinciën-label, waarop hij vaak zelf de zang verzorgde. Samen met Ad Nijkamp vormde Pierre Kartner het gelegenheidsduo De Dikke & De Dunne en namen zij de single Ik zal nooit meer dronken wezen op. Die samenwerking zou later de basis vormen voor het ontstaan van de figuur Vader Abraham en de zeven zonen. Kartner probeerde artiesten als Willemien, Joke en Ben en De Kermisklanten aan een doorbraak te helpen. Het leverde enkele bescheiden succesjes op.

Eerste successen
De grote klapper maakte hij pas in 1970 toen Corry en de Rekels wekenlang in de hoogste regionen van de hitlijst stonden met zijn compositie Huilen is voor jou te laat.

In de loop van de jaren zeventig was hij de man achter onder meer Ben Cramer (De clown), Jacques Herb (Manuela) en Wilma (Zou het erg zijn lieve opa). Kartner schreef ook de Nederlandse inzending voor het Eurovisiesongfestival van 1973, De oude muzikant, gezongen door Ben Cramer, jaren later gevolgd door de inzending voor het songfestival van 2010, Ik ben verliefd (sha-la-lie), uitgevoerd door Sieneke.

"Vader Abraham"
Met de carnavalskraker Vader Abraham had zeven zonen werd in 1971 het personage Vader Abraham geboren. Bij het eerste televisieoptreden bestond de in de haast bij elkaar geroepen groep van zeven zonen nog uit vijf mannen en twee (verklede) vrouwen. Hierna werd de groep Vader Abraham en zijn goede zonen gedoopt en vanaf dat moment begeleidden Ad Nijkamp, Ben van Dongen, Bram Stukje en Hans Lauwen Pierre Kartner. Ze scoorden behalve met Vader Abraham had zeven zonen een reeks van top 10-hits als Pootje baaien, Jij en ik blijven bestaan, Olleke bolleke en Uche uche. De groep viel door financiële perikelen rond 1973 uiteen, waarna Ad Nijkamp als enige goede zoon overbleef en het management rond Pierre Kartner op zich nam. Op dat moment stond ook De Vader Abraham Show onder andere in de Rotterdamse Ahoy. Daarin traden onder anderen Jacques Herb, De Kermisklanten, Ben Cramer, De Gebroeders Brouwer, Mieke en Het Vader Abraham Showorkest op.

Kartner had solo-hits als Vader Abraham met onder andere In de C-klasse, In 't kleine café aan de haven en 't Smurfenlied. Beide laatste nummers waren internationaal succesvol, wereldwijd verkocht hij van 't Smurfenlied meer dan 25 miljoen platen en ruim 250 artiesten coverden zijn hit In 't kleine café aan de haven. Dit laatste nummer geldt tegenwoordig onder de titel The Red Rose Café internationaal als een evergreen.

Vanaf de late jaren tachtig werd Kartners succes minder vanzelfsprekend. Hoewel zijn successen uit de jaren zeventig hem tot een graag geziene gast in het Nederlandse schnabbelcircuit maakten, lukte het hem niet meer om grote hits te scoren. Kartner weet dit in de eerste plaats aan de onwil van gevestigde media om aandacht aan zijn werk te besteden.

Een andere hit was Wij zijn de Wuppies. Albert Heijn en Johan Vlemmix, die rond het WK van 2006 een Wuppie-actie en Wuppie-lied hadden, vochten samen daarover voor de rechter een geschil uit. Vlemmix moest zijn single terugtrekken.

Op 5 februari 2016 won Vader Abraham de Carnavalskneiter van RadioNL met zijn single Wittewattetis Gewittetnie.

Eind 2019, kort voor de coronacrisis, bracht Kartner zijn laatste single Zonder boeren geen eten uit waarmee hij de protesterende boeren een hart onder de riem wilde steken in het stikstofdebat.

Politiek
Kartner heeft zich meer dan eens in het publieke debat gemengd. In 1974 maakte hij op de melodie van 'De uil is in de olmen' het carnavalsliedje Den Uyl is in den olie (een knipoog naar de oliecrisis, de olieboycot door de Arabische landen vanwege de houding van de westerse wereld tegenover hun conflict met Israël, waarin Nederland toen verzeild was geraakt). Aan het nummer werd meegewerkt door het Tweede Kamerlid Hendrik Koekoek van de Boerenpartij, die het refrein meezong.

In 1975 volgden Wat doen we met die Arabieren hier en Hoera retteketet (een hoeraatje voor het kabinet). Het carnavalslied Wat doen we met die Arabieren hier bevatte onder meer de tekst "ze zijn niet te vertrouwen bij onze mooie vrouwen" en leidde tot Tweede Kamervragen van Hein Roethof en Aad Kosto aan minister van Justitie Van Agt. Beide Kamerleden pleitten voor strafrechtelijke vervolging van Kartner. Ook vijf in Amsterdam wonende Arabieren drongen op strafrechtelijke vervolging van Kartner aan. De single werd niet uitgebracht en tienduizenden exemplaren werden vernietigd. Aangezien de plaat niet was uitgebracht en Kartner zijn excuses had aangeboden oordeelde het Openbaar Ministerie dat strafvervolging niet opportuun meer was. De minister van Justitie sloot zich daar bij aan en beschouwde de zaak als afgedaan. In 1976 zong Kartner met Mieke het leger van werkelozen. De melodie had hij grotendeels ontleend aan Lili Marleen. Toen de componist en tekstschrijver van Lili Marleen hier in 1977 kennis van namen vonden ze dat Kartner hun lied omlaag had gehaald en eisten ze in kort geding een verbod op verdere openbaarmaking. Ook eisten ze alle inkomsten op.

Op 16 februari 2002 bracht Kartner de single Wimmetje gaat, Pimmetje komt uit, waarin Kartner samen met Pim Fortuyn een duet zong. Het werd een bescheiden hit en kwam tot positie 88 in de Mega Top 100.

Overlijden
Kartner woonde het grootste deel van zijn leven in Breda. Hij leed aan het eind van zijn leven aan botkanker en stierf op 8 november 2022 op 87-jarige leeftijd. Kartner werd in besloten kring begraven. Na de uitvaart op 11 november werd dezelfde dag zijn overlijden publiek gemaakt.

Information icon

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.