
Bubblegum
Bubblegum is een vrolijk, toegankelijk muziekgenre dat vooral verbonden is met de tweede helft van de jaren 60 en het begin van de jaren 70. Het is een prachtig genre voor een nostalgisch radioprogramma, omdat veel nummers kort, herkenbaar en enorm aanstekelijk zijn.
🍬 Wat is bubblegum?
Bubblegum pop is een vorm van lichte popmuziek, meestal gericht op een jong publiek. De muziek werd gekenmerkt door:
eenvoudige, pakkende melodieën
korte nummers, vaak rond 2 à 3 minuten
vrolijke teksten
veel herhaling
eenvoudige gitaar- en baspartijen
handclaps en eenvoudige achtergrondzang
opvallende refreinen die gemakkelijk mee te zingen zijn
De naam "bubblegum" verwijst naar kauwgom: muziek die net zo zoet, kleurrijk en gemakkelijk te consumeren was.
📻 De grote doorbraak
Bubblegum ontstond vooral in de Amerikaanse platenindustrie rond 1967. Een belangrijke figuur was producer en songwriter Bobby Darin? Nee — vooral Don Kirshner en het songwriters/producersduo Jeff Barry en Ellie Greenwich speelden een belangrijke rol in de ontwikkeling.
Een van de belangrijkste vroege voorbeelden was The Monkees, hoewel hun muziek niet uitsluitend bubblegum was. Vervolgens kwamen groepen die veel duidelijker binnen het genre vielen.
Belangrijke bubblegum-artiesten
The Archies
Een fictieve band rond de tekenfilmserie Archie. Hun grootste hit was:
Sugar, Sugar – 1969
Dit werd een enorme internationale hit en is waarschijnlijk één van de bekendste bubblegumplaten ooit.
The Ohio Express
Bekend van:
Yummy Yummy Yummy – 1968
Chewy Chewy – 1968
Down at Lulu's – 1969
1910 Fruitgum Company
Een van de bekendste echte bubblegumgroepen:
Simon Says – 1967/1968
1, 2, 3, Red Light – 1968
Indian Giver – 1969
The Cowsills
Een Amerikaanse familieband die vooral bekend werd door:
The Rain, the Park & Other Things – 1967
Indian Lake – 1968
The Lemon Pipers
Hun grote hit:
Green Tambourine – 1967
Dit nummer wordt vaak genoemd als een van de platen die de bubblegum/pop-richting hielpen vormgeven.
🎵 Typisch bubblegum-geluid
Een typische bubblegumplaat heeft vaak een heel eenvoudige structuur:
Intro → couplet → refrein → couplet → refrein → instrumentaal stukje → refrein
Het belangrijkste is het refrein. Dat moet na één keer luisteren al blijven hangen.
Voorbeelden van typische elementen zijn:
"Sugar, sugar..."
"Yummy, yummy, yummy..."
"Simon says..."
Je hoort meteen waarom de muziek zo geschikt was voor de tienermarkt.
🍭 Bubblegum en psychedelische muziek
Dat is een interessante tegenstelling uit de jaren 60.
Terwijl bands als The Doors, Jefferson Airplane en Jimi Hendrix experimenteerden met psychedelische rock, kwamen tegelijkertijd de extreem eenvoudige en vrolijke bubblegumplaten uit.
Bubblegum was eigenlijk het tegenovergestelde van ingewikkelde psychedelische rock.
Geen lange gitaarsolo's of complexe teksten, maar:
"Drie minuten, een lekker refrein en klaar!"
🇺🇸 Bubblegum en de Amerikaanse platenindustrie
Een belangrijk aspect is dat sommige "groepen" helemaal geen traditionele bands waren.
Platenproducenten konden een nummer laten schrijven, studio-muzikanten inschakelen en vervolgens een groepsnaam creëren. Dat gebeurde bijvoorbeeld bij The Archies.
Ook bij The Ohio Express was de werkelijkheid achter de platen ingewikkelder dan de groepsnaam deed vermoeden. Hierdoor ontstond een soort producer-driven pop, waarbij de plaat belangrijker was dan de band als live-act.
🇬🇧 Bubblegum in Engeland
Het genre kreeg ook in Groot-Brittannië navolging. Elementen van bubblegum kwamen terecht in de Britse pop en later in glamrock en andere vormen van lichte pop.
Een interessant voorbeeld is The Sweet. Hun vroege werk had duidelijk bubblegumachtige kenmerken voordat ze later veel harder en glamrockgerichter gingen klinken.
Ook Mud, The Rubettes en verschillende andere glam-popgroepen maakten gebruik van de eenvoudige, pakkende formule.
🍬 Bubblegum → Glamrock → Powerpop
Bubblegum is bovendien belangrijk voor de latere muziekgeschiedenis.
De invloed is terug te horen in:
Bubblegum
↓
Glamrock
↓
Powerpop
↓
Punk / New Wave
Bands uit de jaren 70 en later namen het idee over dat een nummer kort, simpel en enorm melodieus kan zijn.
Daarom is bubblegum veel belangrijker geweest dan het soms lijkt.
The Archies
The Archies
The Archies waren een bijzondere Amerikaanse popgroep uit de tweede helft van de jaren 60. Bijzonder, omdat ze eigenlijk niet als echte band bestonden. Ze waren een fictieve tekenfilmgroep, gebaseerd op de personages uit de bekende Archie Comics. Toch groeiden ze uit tot een van de succesvolste bubblegum-popacts ooit.
🎵 Het ontstaan
De Archies kwamen voort uit de tekenfilmserie The Archie Show, die in 1968 op de Amerikaanse televisie verscheen. Muziekproducent Don Kirshner, bekend van zijn werk rond The Monkees, kreeg de muzikale leiding.
Hij stelde een groep studiomuzikanten en zangers samen. De belangrijkste stem was Ron Dante, die de zangstem van Archie Andrews verzorgde. Andere belangrijke namen achter de opnamen waren onder meer Toni Wine, Andy Kim en Jeff Barry.
De fictieve band bestond uit:
Archie Andrews – gitaar en zang
Betty Cooper – zang/percussie
Veronica Lodge – keyboards/zang
Reggie Mantle – bas
Jughead Jones – drums
De stripfiguren waren dus de "leden", maar de muziek werd in werkelijkheid door professionele muzikanten en zangers gemaakt.
🍬 Bubblegum pop
The Archies zijn een uitstekend voorbeeld van de bubblegum pop uit de jaren 60.
Het recept was eenvoudig:
korte, vrolijke nummers
pakkende melodieën
veel meerstemmige zang
eenvoudige teksten
stevige popproductie
een hoog meezinggehalte
Het was muziek die speciaal gericht was op een jong publiek en heel geschikt was voor radio en televisie.
⭐ Sugar, Sugar
Hun absolute meesterwerk is natuurlijk "Sugar, Sugar" uit 1969.
Het nummer werd geschreven door Jeff Barry en Andy Kim en geproduceerd door Barry. Ron Dante verzorgde de belangrijkste zangpartijen, waarbij de stemmen door middel van overdubbing werden gecombineerd.
Het nummer werd een enorme wereldhit:
🇺🇸 #1 in de Billboard Hot 100
🇬🇧 #1 in Groot-Brittannië
stond vier weken bovenaan in de Amerikaanse hitlijst
werd volgens Billboard de nummer 1-hit van 1969
er werden miljoenen exemplaren van verkocht.
In Nederland bereikte "Sugar Sugar" eveneens de Top 40 en werd het een klassieker uit de zomer van 1969. De Nederlandse Top 40 vermeldt twee Top 40-hits van The Archies: "Sugar Sugar" en "Jingle Jangle".
🎶 Andere bekende nummers
Naast "Sugar, Sugar" zijn vooral deze nummers interessant voor een 60s/bubblegum-uitzending:
Jaar Nummer Opmerking
1968 Bang-Shang-A-Lang eerste grote hit, VS #22
1968 Feelin' So Good (S.K.O.O.B.Y.-D.O.O.) vroege bubblegum-hit
1969 Sugar, Sugar wereldhit, VS #1
1969 Jingle Jangle VS #10
1970 Who's Your Baby? VS #40
1970 Sunshine latere single
1971 A Summer Prayer for Peace latere opname
👤 Ron Dante
Een interessant verhaal is dat Ron Dante tijdens het succes van The Archies tegelijkertijd ook actief was als zanger van een andere studiogroep: The Cuff Links.
Daarmee had Dante in 1969 zelfs twee grote hits in dezelfde periode. The Cuff Links scoorden met "Tracy", terwijl "Sugar, Sugar" van The Archies wereldwijd op de radio te horen was.
Dante bleef later actief als zanger, producer en sessiemuzikant. Hij werd in de jaren 70 onder andere bekend als producer van Barry Manilow.
📺 Waarom The Archies zo belangrijk zijn
The Archies waren belangrijk omdat ze lieten zien hoe sterk televisie, tekenfilms, popmuziek en platenindustrie met elkaar konden worden gecombineerd.
Het concept was eigenlijk heel modern: een fictieve groep die alleen op televisie en op platen bestond, maar wel echte hits scoorde. Daarmee waren The Archies een voorloper van latere virtuele en cartoonachtige muziekprojecten.
The Archies hadden in feite geen echte optredende band. Je kon dus niet zomaar een concert van The Archies bezoeken; de "bandleden" waren stripfiguren en de platen werden door studiomuzikanten en zangers gemaakt.


The Ohio Express
The Ohio Express
Ohio Express was een Amerikaanse popgroep uit Mansfield, Ohio, die vooral bekend werd als één van de belangrijkste namen uit de bubblegum-pop van de late jaren 60. De groep ontstond rond 1966 en brak internationaal door in 1968 met “Yummy Yummy Yummy”.
🍬 Het typische bubblegum-geluid
Ohio Express had precies de ingrediënten die bubblegum zo herkenbaar maakten:
eenvoudige, vrolijke melodieën
korte en pakkende nummers
veel herhaling
stevige bas en drums
handclaps en achtergrondzang
opvallende, vaak speelse teksten
een zeer herkenbare hoge/neuzige zangstem
Het doel was vooral: een plaat maken die na één keer luisteren in je hoofd bleef zitten.
⭐ “Yummy Yummy Yummy”
Hun allergrootste hit verscheen in 1968. Het nummer werd geschreven door Joey Levine en Arthur Resnick en Levine verzorgde ook de leadzang.
De plaat werd een enorme internationale hit:
🇺🇸 nummer 4 in de Amerikaanse Billboard Hot 100
🇬🇧 nummer 5 in Groot-Brittannië
🇨🇦 nummer 1 in Canada
🇳🇱 nummer 27 in de Nederlandse Top 40
meer dan één miljoen verkochte exemplaren
In Groot-Brittannië stond de plaat uiteindelijk 15 weken in de hitlijst en bereikte hij de 5e plaats.
🎭 Een bijzondere geschiedenis
Hier wordt Ohio Express interessant. De naam Ohio Express was eigenlijk deels een soort productnaam van producenten Jerry Kasenetz en Jeff Katz.
De muzikanten die als Ohio Express optraden, waren namelijk niet altijd dezelfde muzikanten die de beroemde hits in de studio maakten. Zo werd “Yummy Yummy Yummy” voornamelijk opgenomen door Joey Levine en studiomuzikanten. De touringband van Ohio Express speelde de nummers vervolgens live voor het publiek.
Dat verklaart waarom er zoveel verwarring bestaat over de bezetting van Ohio Express.
🎵 Andere bekende nummers
Naast “Yummy Yummy Yummy” had Ohio Express verschillende andere bekende bubblegum-hits:
Beg, Borrow and Steal – 1967
Down at Lulu's – 1968
Chewy Chewy – 1968
Sweeter Than Sugar – 1969
Mercy – 1969
Sausalito (Is the Place to Go) – 1969
That's the Way a Woman Is – 1970
Vooral “Chewy Chewy” werd een grote hit en behoort samen met “Yummy Yummy Yummy” tot hun bekendste nummers.
👤 Joey Levine
Een heel belangrijke naam achter Ohio Express is Joey Levine. Hij was zanger en songwriter en werd één van de kenmerkende stemmen van de bubblegumperiode.
Levine werkte niet alleen met Ohio Express, maar schreef en zong ook mee aan andere producties uit de Kasenetz-Katz bubblegumfabriek. Zijn manier van zingen – een beetje nasaal, vrolijk en overdreven enthousiast – werd bijna een handelsmerk van het genre.
Ohio Express vertegenwoordigt daarbij de meest uitgesproken kauwgomballen-kant van de Amerikaanse popmuziek.
“Yummy Yummy Yummy” wordt vaak gezien als één van dé nummers die het bubblegum-genre onmiddellijk herkenbaar maakten. De combinatie van het simpele refrein, de zang van Joey Levine en het stuwende arrangement werd een soort blauwdruk voor veel bubblegumplaten die daarna kwamen.
1910 Fruitgum Company
1910 Fruitgum Company is een van de belangrijkste groepen uit de Amerikaanse bubblegum-periode van eind jaren zestig. Voor een programma over bubblegummuziek is de groep eigenlijk onmisbaar.
🍬 Ontstaan
De groep kwam uit Linden, New Jersey. De oorsprong ligt bij gitarist Frank Jeckell, die vanaf 1965 actief was met een groep die Jeckell & The Hydes heette. In 1967 werd de naam 1910 Fruitgum Company gebruikt en kwam de groep onder de aandacht van producers Jerry Kasenetz en Jeff Katz.
Kasenetz en Katz waren belangrijke architecten van de bubblegum-pop. Zij werkten ook met groepen als Ohio Express en Music Explosion. Hun recept was simpel: korte, vrolijke liedjes, gemakkelijk mee te zingen refreinen, eenvoudige teksten en een flinke dosis poppy energie.
🎤 De grote doorbraak: Simon Says
De grote klapper kwam eind 1967 met "Simon Says". Het nummer was gebaseerd op het kinderspel Simon Says en werd in 1968 een enorme internationale hit.
Het bereikte onder andere:
🇺🇸 #4 Billboard Hot 100
🇬🇧 #2 in Groot-Brittannië
🇨🇦 #1 in Canada
🇦🇺 #2 in Australië
Het nummer werd daarmee een van de herkenbaarste voorbeelden van de vroege bubblegum-pop.
⭐ De belangrijkste hits
Daarna volgde een opmerkelijke reeks hits:
Jaar Nummer Opmerking
1967/68 Simon Says grootste internationale hit
1968 May I Take a Giant Step (Into Your Heart) Top 40-hit
1968 1, 2, 3 Red Light Amerikaanse Top 5
1968 Goody Goody Gumdrops grote bubblegum-hit
1969 Indian Giver opnieuw Amerikaanse Top 5
1969 Special Delivery Top 40
1969 The Train Top 40
De groep had tussen 1968 en 1969 zelfs acht nummers die de Amerikaanse Top 40 bereikten.
🚦 1, 2, 3 Red Light
Voor bubblegum-liefhebbers is "1, 2, 3 Red Light" misschien wel net zo belangrijk als Simon Says. Het nummer werd in 1968 een Amerikaanse #5-hit en stond 13 weken in de Billboard Hot 100. In Canada bereikte het zelfs de eerste plaats.
Het is een perfect voorbeeld van de typische bubblegumformule: een eenvoudig onderwerp, een onmiddellijk herkenbaar refrein en een vrolijke beat.
🎸 Interessant: niet alleen bubblegum
Hoewel de 1910 Fruitgum Company vooral als bubblegumgroep bekendstaat, probeerde men later een andere richting in te slaan. Het album Hard Ride uit 1969 had meer invloeden uit blues, psychedelische rock en hippierock, duidelijk bedoeld om aansluiting te vinden bij de toenemende belangstelling voor album- en FM-radio.
Dat was commercieel veel minder succesvol dan de vrolijke singles.
👥 Wie waren de muzikanten?
De oorspronkelijke bezetting omvatte onder meer:
Mark Gutkowski – zang en Hammondorgel
Frank Jeckell – gitaar en zang
Pat Karwan – gitaar en zang
Steve Mortkowitz – bas en zang
Floyd Marcus – drums
Er waren daarnaast verschillende andere muzikanten betrokken bij de studio-opnamen. Dat past bij de manier waarop de Kasenetz-Katz/Super K-producties in die periode werden gemaakt: de grens tussen een echte touringband en een studioproject was soms behoorlijk vaag.
💿 Belangrijke albums
De belangrijkste albums uit de oorspronkelijke periode zijn:
Simon Says – 1968
1, 2, 3 Red Light – 1968
Goody Goody Gumdrops – 1968
Indian Giver – 1969
Hard Ride – 1969
🍭 Waarom zijn ze belangrijk voor bubblegum?
De 1910 Fruitgum Company hoort samen met onder andere Ohio Express, The Archies, The Monkees en The Music Explosion bij het geluid dat we tegenwoordig met de klassieke bubblegum-periode associëren.
Hun muziek was bewust simpel, vrolijk, commercieel en onmiddellijk herkenbaar. Dat was juist de kracht. Terwijl rock eind jaren zestig steeds zwaarder, serieuzer en psychedelischer werd, bood bubblegum een luchtig alternatief.


The Cowsills
The Cowsills
The Cowsills waren een Amerikaanse familieband uit Newport, Rhode Island, die vooral tussen 1967 en 1970 grote successen had. Hun muziek wordt meestal ingedeeld bij bubblegum pop, sunshine pop, AM-pop en harmony pop.
👨👩👧👦 Een echte zingende familie
De groep begon rond 1965 met vier broers:
Bill Cowsill – gitaar, zang
Bob Cowsill – gitaar, orgel, zang
Barry Cowsill – bas
John Cowsill – drums
Later kwamen Paul Cowsill, zus Susan Cowsill en hun moeder Barbara Cowsill erbij. Daarmee werd The Cowsills letterlijk een familieband. Susan was bij haar toetreding nog maar een jong meisje.
De broers waren aanvankelijk sterk beïnvloed door The Beatles en speelden op schoolfeesten, kerkelijke bijeenkomsten en in clubs rond Newport.
🌸 De grote doorbraak: The Rain, the Park & Other Things
In 1967 kregen The Cowsills een contract bij MGM Records. Hun eerste grote MGM-hit was:
“The Rain, the Park & Other Things”
Het nummer werd een enorme hit en bereikte nummer 2 in de Amerikaanse Billboard Hot 100. Er werden meer dan een miljoen exemplaren van verkocht. Het nummer staat ook bekend onder de bijnaam “I Love the Flower Girl”.
Het nummer is een prachtig voorbeeld van de typische Cowsills-sound: zonnige melodieën, meerstemmige zang, lichte psychedelische invloeden en een zeer toegankelijk poparrangement.
☀️ We Can Fly
In 1968 volgde “We Can Fly”. Het nummer werd geschreven door onder anderen Bob en Bill Cowsill en bereikte de Amerikaanse hitlijsten. Het album We Can Fly liet bovendien horen dat de familie méér was dan alleen een groepje zingende kinderen: Bill en Bob waren ook betrokken bij de productie en songwriting.
🏖️ Indian Lake
Een van hun bekendste nummers werd vervolgens:
“Indian Lake” – 1968
Dit zomerse, vrolijke nummer bereikte de Top 10 in Amerika. Het is typisch voor de luchtige sunshine-pop uit de tweede helft van de jaren zestig.
Voor jouw bubblegum-programmering is dit een interessante plaat, hoewel The Cowsills muzikaal eigenlijk wat breder zijn dan puur bubblegum.
🌈 Hair – hun grootste hit
In 1969 maakten The Cowsills een opvallende keuze: ze namen “Hair”, het titelnummer uit de controversiële rockmusical Hair, op.
Dat was enigszins ironisch. The Cowsills hadden juist een zeer braaf, schoon en Amerikaans familie-imago, terwijl Hair symbool stond voor de hippiecultuur en de tegencultuur van de jaren zestig.
Hun uitvoering werd echter een gigantische hit en bereikte nummer 2 in de Billboard Hot 100.
Een leuk detail voor je radioprogramma: de jonge Susan Cowsill zong mee op “Hair”. Zij werd later vooral bekend door haar herkenbare stem en bleef lange tijd met de muziek actief.
📺 De inspiratie voor The Partridge Family
The Cowsills zijn ook belangrijk omdat ze een grote inspiratiebron vormden voor de televisieserie The Partridge Family.
Televisiemakers hadden daadwerkelijk belangstelling voor het verhaal van de zingende familie. Er werd zelfs gekeken naar een televisieserie rond de Cowsills. Uiteindelijk wilde de televisieproductie echter Shirley Jones als moeder en zangeres gebruiken. De Cowsills gingen daar niet mee akkoord. De uiteindelijke serie werd daardoor The Partridge Family, met Shirley Jones en David Cassidy.
💿 Belangrijke nummers
Voor een Cowsills-special zou ik zeker deze nummers draaien:
The Rain, the Park & Other Things – 1967
We Can Fly – 1968
Indian Lake – 1968
Captain Sad and His Ship of Fools – 1968
Poor Baby – 1968
The Candy Kid – 1968
Hair – 1969
II x II – 1970
On My Side – 1971
Hun officiële discografie laat zien dat de groep ook na de grote hits verderging en later meerdere keren opnieuw bij elkaar kwam.
Maar er is een belangrijk verschil: The Cowsills waren een echte familie die zelf optrad, terwijl veel bubblegumproducties uit die tijd door studiomuzikanten werden gemaakt.
The Lemon Pipers
The Lemon Pipers
The Lemon Pipers waren een Amerikaanse pop-/rockgroep uit Oxford, Ohio, die vooral beroemd werd door één van de bekendste bubblegumhits van de jaren zestig: “Green Tambourine”. De groep was actief van 1966 tot 1969 en combineerde bubblegum-pop met psychedelische invloeden.
🍋 De grote hit: Green Tambourine
“Green Tambourine” werd geschreven door Paul Leka en Shelley Pinz en geproduceerd door Leka. De single verscheen eind 1967 en werd begin 1968 een enorme hit.
Op 3 februari 1968 bereikte het nummer de eerste plaats van de Amerikaanse Billboard Hot 100. Daarmee was het de eerste nummer 1-hit voor het platenlabel Buddah Records. Het nummer werd bovendien een gouden plaat.
Het bijzondere aan “Green Tambourine” is de combinatie van:
vrolijke, eenvoudige popmelodie
psychedelische geluidseffecten
tambourine
strijkers
elektrische sitarachtige klanken
een licht kinderlijke, bijna sprookjesachtige sfeer
Daardoor past het nummer uitstekend binnen de bubblegum-beweging, maar hoor je ook duidelijk de psychedelische pop van 1967/68.
🎸 Het merkwaardige verhaal achter de hit
De Lemon Pipers waren eigenlijk helemaal niet zo geïnteresseerd in bubblegum-pop.
De muzikanten wilden liever psychedelische rock, blues en stevige rockmuziek spelen. Hun platenmaatschappij zag echter commerciële mogelijkheden in het nieuwe bubblegum-geluid. Toen Paul Leka met “Green Tambourine” kwam, waren de bandleden aanvankelijk niet enthousiast.
Ze namen het nummer uiteindelijk toch op omdat Buddah Records anders dreigde hun platencontract te beëindigen.
En toen gebeurde het onvoorstelbare: het nummer werd een nummer 1-hit.
Dat leverde de band dus precies het succes op dat ze eigenlijk niet gezocht hadden.
🎤 De bezetting
De bekende bezetting rond de grote hit bestond uit:
Ivan Browne – zang, ritmegitaar
Bill Bartlett – leadgitaar
R.G. Nave – keyboards/orgel
Steve Walmsley – bas
Bill Albaugh – drums
💿 Andere singles
Na “Green Tambourine” probeerde Buddah de groep in dezelfde commerciële richting te houden.
Een belangrijke opvolger was:
“Rice Is Nice” – 1968
Dit nummer werd opnieuw geschreven door Leka en Pinz en haalde in Amerika de 46e plaats. In Groot-Brittannië kwam het tot nummer 41.
Daarna verscheen onder andere:
“Jelly Jungle (Of Orange Marmalade)”
Ook dit nummer kwam in 1968 in de hitlijsten, maar geen van deze singles kon het enorme succes van “Green Tambourine” evenaren.
🌈 Bubblegum of psychedelische rock?
Dat maakt The Lemon Pipers juist zo interessant voor jouw bubblegum-programmering.
Hun debuutalbum Green Tambourine uit 1968 bevat namelijk niet alleen commerciële bubblegum. Naast de lichte popnummers staan er ook duidelijk meer psychedelische en rockgerichte nummers op. Sommige nummers zijn zelfs behoorlijk lang en experimenteel.
Je kunt The Lemon Pipers daarom zien als een soort brug tussen bubblegum-pop en psychedelische pop/rock.
Kort samengevat: The Lemon Pipers waren eigenlijk een rockband die tegen hun zin een bubblegumnummer opnamen — en vervolgens met dat nummer “Green Tambourine” een Amerikaanse nummer 1-hit scoorden. Dat maakt hun verhaal een van de leukste hoofdstukken uit de geschiedenis van de bubblegum-pop.
